Zonder de eigenzinnige kunstenaar Alejandro Jodorowsky zouden veel Hollywood-films er anders uit hebben gezien

Zijn beeldtaal had grote invloed op films als AlienBlade Runner en The Fifth Element. Toch kent buiten Frankrijk bijna niemand zijn werk. In Art Sin Fin, een boek van tweeduizend pagina’s, neemt Alejandro Jodorowsky (97) het woord.

Verschenen in NRC, 24 februari 2026. Lees hier het gehele artikel.

De bekendste film van Alejandro Jodorowsky (1929) is de film die hij niet heeft gemaakt. Halverwege de jaren zeventig probeerde de Chileens-Franse filmmaker Frank Herberts sciencefictionroman Dune te verfilmen. Jodorowsky wilde Salvador Dalí als de galactische keizer, Orson Welles als de corpulente schurk en Mick Jagger als diens gewelddadige neef. Pink Floyd zou de soundtrack maken. Vanuit een atelier in Parijs, ver weg van Hollywood, verzamelde Jodorowsky het team dat de film moest maken. Striptekenaar Jean Giraud, beter bekend als Moebius en na Hergé de invloedrijkste stripkunstenaar van Europa, tekende meer dan drieduizend storyboards. H.R. Giger, de Zwitserse kunstenaar wiens werk eruitziet alsof lichamen en machines in één nachtmerrie zijn samengesmolten, ontwierp de planeet van de schurken. Jodorowsky zelf speelde de scènes voor met zijn lichaam terwijl Moebius naast hem zat te tekenen. Na twee jaar liepen de kosten en ambities zo uit de klauwen dat geen enkele studio het meer wilde financieren.

De film heeft nooit bestaan, maar de beeldtaal wel. Die ging mee met het team dat zich over Hollywood verspreidde. Dan O’Bannon, die bij Dune de special effects zou doen, schreef het scenario voor Alien en haalde Giger en Moebius erbij. Giger ontwierp het buitenaardse wezen uit de film, dat glimmende zwarte lichaam met die langgerekte schedel, en won er een Oscar voor.

Ridley Scott baseerde het regenachtige, neonverlichte Los Angeles van Blade Runner onder meer op The Long Tomorrow, een korte strip die Moebius en O’Bannon samen hadden gemaakt. Luc Bessons The Fifth Element leende zo openlijk bij The Incal, de strip die Jodorowsky en Moebius ondertussen hadden gemaakt, dat Jodorowsky en Moebius hem voor de rechter sleepten. De documentaire Jodorowsky’s Dune uit 2013 maakte de invloed van het Dune-team op Hollywood breed bekend. Het is een goed verhaal, alleen gaat het over de restanten van een mislukt project, niet over wat Jodorowsky zelf heeft gemaakt.

Jodorowsky is een van die figuren die in elk decennium van zijn leven iemand anders bleek te zijn. Hij studeerde mime in Parijs bij Étienne Decroux, ging op tournee met Marcel Marceau, maakte in Mexico-Stad theater dat zo gewelddadig was dat het publiek de zaal ontvluchtte, ging films regisseren, schreef stripverhalen, en gaf ruim dertig jaar gratis tarotlezingen in Parijse cafés. Zijn cultfilms El Topo, waarin een zwartgeklede schutter door de woestijn rijdt op zoek naar God, en The Holy Mountain, waarin een alchemist negen machthebbers meeneemt op een tocht naar de berg van de onsterfelijkheid, dwars door taferelen die eruitzien als religieuze schilderijen op LSD, maakten hem in de jaren zeventig beroemd onder een publiek dat naar iets anders zocht. Toch is film niet zijn grootste oeuvre. Jodorowsky schreef meer dan tachtig stripalbums, waarvan The Incal het bekendst is, die hij samen met Moebius tussen 1980 en 1988 maakte. The Incal gaat over John DiFool, een sjofele privédetective die van een brug wordt gegooid in een verticale stad waar de rijken bovenin wonen en de armen onderin, en die verwikkeld raakt in een kosmische strijd om een kristal dat het lot van het universum bepaalt. Ze werkten zoals ze bij Dune hadden gewerkt: Jodorowsky speelde voor, Moebius tekende. Het werd miljoenen keren verkocht. In Frankrijk, waar de strip als neuvième art geldt, de negende kunstvorm naast film, theater en literatuur, is The Incal een klassieker. Elders kent vrijwel niemand het.