Karel (Den Haag, 1946) is kleinkunstenaar; als Mini vormde hij met Peter de Jong bijna vijftig jaar het internationaal gevierde duo Mini & Maxi. Yvonne (Rotterdam, 1945) groeide op in een circusfamilie. Ze wonen in Scheveningen.
(Fotografie door Clemens Rikken)
Karel: Wij komen uit de tijd van ‘Jos van der Valk presenteert’, de aankondiging waarmee vroeger de grote amusementsprogramma’s begonnen. Eén daarvan was Piste, circus op televisie. Zelf zagen wij dat nooit, want terwijl heel Nederland keek, stonden Peter en ik als Mini & Maxi avond aan avond op de planken.
Yvonne: Piste was letterlijk mijn wereld. Mijn ouders trokken met een muzikaal clownsnummer (de Rubati’s) langs de circussen, en omdat zij altijd reisden, ben ik door mijn grootouders grootgebracht. Pas toen die te oud werden, mocht ik mee, en van mijn zestiende tot mijn zesentwintigste trok ik met het circus van Italië tot Korea, en met de circustrein door Zuid-Afrika.
Karel: Wij hebben samen ook heel wat van de wereld gezien: voor mijn werk zat ik weken in het buitenland, en jij zocht me daar met de kinderen weleens op. Nu we ouder zijn, zitten we veel meer thuis, en is de televisie ons venster op de wereld geworden. Toch erger ik me zodra het mijn vak raakt, want het amusement is armoedig geworden: alles moet snel en kort, terwijl ons variété zonder woorden juist tijd nodig had. Een van onze mooiste nummers, de verkouden marionettenspeler, ging de hele wereld over, maar duurt voor de televisie van nu te lang. In mijn tijd mochten we zo’n nummer bij Mies Bouwman nog helemaal spelen, maar die ruimte krijgen de jongeren niet meer. Neem Släpstick, een muziektheatergroep die ik begeleid: ze spelen volle zalen in binnen- en buitenland, maar op televisie worden ze niet uitgenodigd, omdat hun acts te lang duren.
Yvonne: Zo jammer, want je zou willen dat veel meer mensen zien hoe goed ze zijn.
Karel: Ik zeg het niet uit zieligheid, want ze redden zich prima, maar jammer blijft het wel.
Yvonne: In de talentenjachten zie je af en toe gelukkig nog wél variété, al krijgt zo’n nummer bij Holland’s Got Talent maar drie minuten. Bij de zangprogramma’s, zoals de Voice of Stars on Stage, dat ik trouwens een heel mooi programma vind, valt me bij de zangeressen iets op: als ze de opdracht krijgen om bijvoorbeeld een lied van Vicky Leandros te zingen, heel ander repertoire dan het hunne, blijken ze dat óók prachtig te kunnen. Zo’n zangeres kan dus meer dan haar genre, maar de zaal klapt bij iedere hoge noot of het een wereldwonder is.
Karel: Daar spreken wij vaak over, want voor een geschoolde zangeres is zo’n krachtige noot geen wonder maar vakwerk, en toch barst bij elke uithaal de zaal los. Ik zou de floormanager bijna vragen het publiek niet bij elke noot te laten klappen, want al dat applaus haalt de emotie uit zo’n lied. Daarom kijk ik liever naar Beste Zangers, waar artiesten elkaars liedjes zingen zonder spelletje of wedstrijd. Dat kan mij werkelijk raken.
Yvonne: Jij kunt bijna nooit onbevangen kijken, want alles gaat bij jou door de bril van het vak. Dat bleek van de week nog, toen we stil werden van Infarct, waarin cabaretier Peter Heerschop zijn boezemvriend Viggo Waas bijstaat na diens herseninfarct.
Karel: Ik kreeg tranen in mijn ogen van de manier waarop Heerschop Viggo er weer bovenop helpt, want die vriendschap ken ik. Met mijn eigen Peter begon ik in 1967 bij het cabaret van Dorus, en het huwelijk van Peter en mij is bijna net zo belangrijk geweest als mijn huwelijk met jou. Aan de jonge mensen in ons genre laat ik graag oude documentaires zien: The Spike Jones Story, Grock: König der Clowns en From Mao to Mozart over violist Isaac Stern. Alle drie gaan ze over artiesten die hun instrument werkelijk beheersten, en dat wil ik de jongeren meegeven: wie maar één noot kan spelen, mag zichzelf nog geen muzikale clown noemen, want die naam verdien je pas als je je instrument door en door beheerst.
Yvonne: Weet je wat ik ook leuk vind, Karel? Floortje naar het einde van de wereld. Floortje is ernstig ziek geweest en reist nu toch weer de wereld over, en daar heb ik veel respect voor. Ze zoekt mensen op met een verhaal, mensen die met passie hun leven invullen.
Karel: Jij hebt dat reizen in je bloed, maar ik ben trouw aan Den Haag. Op vakantie zie ik zo op tegen de kuddes die door de vliegtuigslurven schuifelen, dat ik al gauw genezen ben van mijn reislust.
Yvonne: Gelukkig hebben we Floortje: zij reist voor ons, en wij kijken thuis mee.
Karel
Boek: De stamhouder van Alexander Münninghoff
Krant: Den Haag Centraal en het AD
Film: La strada van Fellini
Stad/land: Den Haag/Nederland
Onhebbelijkheid: Doorzetten, of noem het doordrammen
Yvonne
Boek: de thrillers van Nicci French
Krant: het AD en Den Haag Centraal
Film: Schindler’s List
Stad/land: Den Haag/Italië
Onhebbelijkheid: Ik twijfel te veel