Scoop: Typhoon komt met nieuwe plaat én theatertour

Rapper Typhoon komt binnenkort met een nieuwe plaat: Moro Lobi. Ook gaat hij volgend jaar de theaters in met zijn eigen theatertour. Dat zegt hij in een interview in het zomernummer van HP/De Tijd, dat vanaf morgen in de schappen ligt.

De nieuwe EP (want dat is het, het zal geen album worden) zou eigenlijk deze zomer al verschijnen, maar het eclatante succes van zijn album Lobi da Basi en de zegetocht die daarop volgde zorgde voor vertraging. “Het verhaal van Lobi da Basi is nog niet klaar”, zegt Typhoon veelbelovend. Over de nieuwe muziek wil hij nog niet veel kwijt omdat het nogwork in progress is, maar wel geeft hij van één nummer vast de titel prijs. “Het nummer ‘Zolen boven m’n kruin’ is geïnspireerd op een schilderij dat Marit Otto (kunstenares uit Zwolle – red.) ooit maakte. Het is een schilderij waarop je de onderkant van schoenzolen ziet. Dat beeld raakte me meteen: dat was zo herkenbaar voor de situatie waar ik lange tijd in heb gezeten, dat gevoel van onderdrukking… Dat je jarenlang tegen een glazen plafond aan kijkt, ziet waar je heen wilt, maar er niet bij kunt en letterlijk de zolen van de mensen die boven je staan ziet. Jammer genoeg had Marit het schilderij al met iemand geruild voordat ik ‘m kon kopen, want ik had ‘m heel graag thuis aan de muur willen hangen.”

NAP2008

Theatertour
Verder zegt Typhoon dat hij volgend jaar het land door wil met zijn eigen theatertour. Concrete plannen daarvoor zijn er nog niet, maar dat hij het theater in gaat staat vast. “Theater is heel intiem: je kunt je niet verschuilen achter het bombastische van een concert. Je kunt jezelf niet ontzien. Je staat daar gewoon naakt op een podium. Juist omdat het spelen in zo’n zaal zo oncomfortabel is, zie ik het als een grote uitdaging.” (via)

Het gehele interview van Nick Muller met Typhoon staat in het zomernummer van HP/De Tijd, dat vanaf dinsdag 30 juni in de schappen ligt. Lees hem hier digitaal, of sluit hier een voordelig (proef)abonnement af.

Lees ook:
Typhoon bij GIEL! over zijn nieuwe plaat (3FM, 30 juni 2015)
Typhoon komt met nieuwe plaat (AD, 29 juni 2015)
Typhoon komt met nieuwe EP en theatertour (3voor12, 29 juni 2015)
Typhoon komt met nieuwe plaat Moro Lobi (Nu.nl, 29 juni 2015)

Eindexpo 2015: Iris Sijbom portretteert proefdieren

Honderden studenten studeren deze zomer af aan een van de vele kunstopleidingen die Nederland telt, klaar om aan de slag te gaan als beroepskunstenaar. HP/De Tijd licht de komende maand elke week vier aanstaande alumni uit – vier jonge kunstenaars die vol trots hun eindexamenwerk aan de wereld willen laten zien. Vandaag: Iris Sijbom (Emmen, 1993) studeert met haar project Animethic af als documentair fotografe aan AKV Sint Joost in Breda.

Over haar afstudeerwerk
“In de herfst van 2014 stonden de kranten vol met het schandaal wat zich had voorgedaan in de Universiteit van Maastricht. Bekend werd dat er op de universiteit labradors werden gebruikt voor het testen van pacemakers en katheters. De universiteit kwam onder een vergrootglas te liggen en er werd een petitie gestart die door ruim 130.000 mensen getekend werd. Waaronder ik. Een aantal dagen later stond in de krant dat er acht labradors waren overgedragen naar een organisatie die zou zorgen voor herplaatsing bij adoptiegezinnen. De proeven werden gestaakt, maar even later weer hervat. Simpelweg omdat er geen alternatief is.”

“Mijn werk gaat over de samenwerking tussen mens en natuur en mens en dier, en tegelijk over de controle van de een over de ander. In Animethic confronteer ik de kijker met het fenomeen proefdieren. Als dierenliefhebber betreed ik het domein waar de mens de complete controle over het dier heeft en portretteer laboratoriumdieren. Deze portretten laten het belang van het individuele dier zien, maar staan ook symbool voor een veel grotere groep. Door de dieren als krachtige individuen te laten zien, wil ik waardering oproepen voor de dieren die zich onbewust inzetten voor de wetenschap. Ook bevraag ik het verschijnsel dierproeven op zich en wil ik de kijker bewust maken van de situatie die zich binnen de muren van het laboratorium afspeelt.”

“In Nederland, maar ook in de rest van de wereld, wordt hard gezocht naar alternatieven voor dierproeven. Door de proefdieren met dit project een gezicht te geven hoop ik de kijker er van bewust te maken dat dit gebeurd en hoop ik door deze bewustwording mijn steentje te kunnen bijdragen aan deze belangrijke zoektocht naar alternatieven.”

Meer werk van Iris Sijbom vindt u hier.

Iris Sijbom
Animethic
AKV Sint Joost, Breda
2015

Animethic_1Animethic_2Animethic_4Animethic_5Animethic_3

Mannen die huilen om poëzie: Lucky Fonz III

Mannen huilen niet om poëzie. Of toch wel? In de bundel Gedichten die mannen aan het huilen maken vertellen meer dan zestig vooraanstaande Nederlandse en Vlaamse mannen welk gedicht hen de tranen naar de ogen jaagt. HP/De Tijd licht de komende weken enkele van deze ‘huilende mannen’ uit. Deze week: troubadour Lucky Fonz III (pseudoniem van Otto Wichers, 1981) over het gedicht Immortelle LXXII van Piet Paaltjens.

“Soms, als je een mooie vrouw ziet van wie je weet dat ze al een geliefde heeft, overvalt je een kort gevoel van jaloezie — heel even maar, en dan ga je weer door. Maar af en toe gaat zo’n moment veel verder en dieper dan alleen jaloezie: haar onbeschikbaarheid is dan zo ondraaglijk dat het voelt alsof je hele leven mislukt is omdat je haar niet kunt krijgen. Je denkt: ‘Wat een waardeloos leven heb ik eigenlijk zonder zo’n mooie vrouw!’ Het voelt dan alsof het paradijs is weggelegd voor slechts een enkeling — alleen voor de luitenant, in het geval van dit gedicht.”

“Ik ken dat gevoel al mijn hele leven, en niemand weet dat gevoel zo goed te beschrijven als Piet Paaltjens. Ook de details in het gedicht, bijvoorbeeld dat de rode wijn ‘wel goed’ smaakte (terwijl het op zo’n moment natuurlijk niets meer uitmaakt of de wijn smaakt of niet) is een subtiele schijnbeweging om de heftige laatste twee regels vol te doen laten aankomen. Dat zijn wangen aan het eind van het gedicht ook niet zomaar ‘bleekjes’ zijn maar ‘onherroepelijk wit’ is natuurlijk ook niet uit de lucht gegrepen. Het is het wit van een verse grafsteen, de kleur van de absolute vergankelijkheid. En het enige medicijn dat er tegen die vergankelijkheid is, loopt zomaar aan zijn neus voorbij.”

Immortelle LXXII
Piet Paaltjens (pseudoniem van François Haverschmidt, 1835 – 1894)

Wij zaten met ons vieren
In den tuin van de sociëteit.
“Kijk, jongens!” riep Sand, “wat passeert daar
Een eeuwig knappe meid.”
“Ja” zei Kaai, “dat’s een pracht van een meisje!
Zoo zijn er geen twaalf in ’t land!”
“Ik hoor,” zuchtte Haas, “ze is in stilte
Geëngageerd met een luitenant.”
“Wat mankeert je, Paal?” riep Sand weer,
“Je wordt zoo bleek als de dood!
Neem wat dubbelgebeide!” — “Neen, Dundas!”
Schreeuwde Haas, “breng gauw een glas rood!”
Wel dronk ik, om Haas te pleizieren,
Het rood uit, — ook smaakte ’t wel goed, —
Maar op geen van mijn beide wangen
Herriep het den rozengloed.
Sinds ik weet, dat een luitnant in stilte
Mag bluffen op háár bezit,
Zien mijn vroeggeknakte wangen
Onherroepelijk marmerwit.

De bundel ‘Gedichten die mannen aan het huilen maken’ is onder meer te koop via de website van AKO.

Lucky Fonz III
Lucky Fonz III

 

Nick signeert bij boekhandel Raadgeep & Berrevoets in Doetinchem

Via de website van boekhandel Raadgeep & Berrevoets in Doetinchem:
Zaterdag 20 juni | Van 13.00 tot 15.30 |
Het leukste last-minute vaderdagkado!

Doetinchemmer Nick Muller interviewde zestig vooraanstaande Nederlandse en Vlaamse mannen vertellen over het gedicht dat hen, elke keer als ze het lezen, ontroert. Mannen die misschien niet direct geassocieerd worden met poëzie, maar bij wie de dichtkunst wel een gevoelige snaar raakt. Elk gedicht wordt ingeleid met een persoonlijk verhaal waardoor het boek meer wordt dan een poëziebloemlezing – het is een toegankelijk boek vol hoogtepunten uit onze vaderlandse poëzie, gekozen door de personen die ons huidige tijdsbeeld bepalen.

Met bijdragen van onder meer: Arnon Grunberg, Maarten van Rossem, Typhoon, René Gude, Matthijs van Nieuwkerk, Huub Stapel, Emile Roemer, Peter R. de Vries, Aart Staartjes, André Kuipers, Ed van Thijn en vele anderen

Zaterdag 20 juni | Van 13.00 tot 15.30 | Boekhandel Raadgeep en Berrevoets

20999_10200593994569728_2851005384265167346_n

Video: Typhoon leest ‘De herberg’ van Jalal ad-Din Rumi

Dit artikel is eerder verschenen op de website van HP/De Tijd.

Mannen huilen niet om poëzie. Of toch wel? In de bundel Gedichten die mannen aan het huilen maken vertellen meer dan zestig vooraanstaande Nederlandse en Vlaamse mannen welk gedicht hen de tranen naar de ogen jaagt. HP/De Tijd licht de komende weken enkele van deze ‘huilende mannen’ uit. Deze week: rapper Typhoon (artiestennaam van Glenn de Randamie, 1984) over het gedicht De herberg van Jalal ad-Din Rumi.

“Al meteen de eerste keer dat ik het gedicht ‘De herberg’ van Jalal ad-Din Rumi las, kwamen er tranen. Het gedicht nodigt je namelijk om vriendelijker te zijn voor jezelf, jezelf te accepteren vanuit zelfliefde en geen vooropgezette ideeën te hebben over hoe iets is of hoe iets hoort te zijn. Ik leef in een wereld waarin er van alles van me wordt verwacht: dat ik leidinggeef, dat ik verantwoordelijkheden draag. Daardoor vind ik het doorgaans moeilijk om vriendelijk voor mezelf te zijn, mezelf te accepteren zoals ik ben en geen vooropgezette ideeën te hebben. ‘De herberg’ daagt me uit om erop te vertrouwen dat ik compleet ben, dat alles dat zich in mij manifesteert er met een reden is en dat ik alles moet benaderen met een open blik.”

De herberg
Jalal ad-Din Rumi (1207 – 1273)
(Vertaling: Romeck van Zeyl)

Dit mens-zijn is een soort herberg:
elke ochtend weer bezoek.

Een vreugde, een depressie, een benauwdheid,
een flits van inzicht komt
als een onverwachte gast.

Verwelkom ze; ontvang ze allemaal gastvrij!
Zelfs als er een menigte verdriet binnenstormt
die met geweld je hele huisraad kort en klein slaat.

Behandel dan toch elke gast met eerbied.
Misschien komt hij de boel ontruimen
om plaats te maken voor extase…

De donkere gedachte, schaamte, het venijn,
ontmoet ze bij de voordeur met een brede grijns
en vraag ze om erbij te komen zitten.

Wees blij met iedereen die langskomt.
De hemel heeft ze stuk voor stuk gestuurd
om jou als raadgever te dienen.

De bundel ‘Gedichten die mannen aan het huilen maken’ is onder meer te koop via de website van AKO.

Eindexpo 2015: Tahné Klein

Honderden studenten studeren deze zomer af aan een van de vele kunstopleidingen die Nederland telt, klaar om aan de slag te gaan als beroepskunstenaar. HP/De Tijd licht de komende maand elke week vier aanstaande alumni uit – vier jonge kunstenaars die vol trots hun eindexamenwerk aan de wereld willen laten zien. Vandaag: Tahné Kleijn (Helmond, 1990) studeert met het fotoproject Soo d’oude songe, soo pypen de jonge af als fotografe aan AKV Sint Joost in Breda.

Over haar afstudeerwerk
“Als student documentaire fotografie ben je op zoek naar ongewone situaties, momenten die je vast kan leggen en de toeschouwer iets nieuws kan leren. Zoekend naar zo’n onderwerp wees mijn stageverlener mij, ruim een jaar geleden, op de ongewone situatie waarin ik ben opgegroeid. Mijn gezin, voor mij heel normaal, is verre van gemiddeld te noemen; je zou het zelfs als multiprobleemgezin kunnen omschrijven. Het is een gezin waarin begrippen als geldproblemen en verslavingen lijnrecht staan tegenover begrippen als trots, trouw en gezelligheid. Een gezin dat buitenstanders kan choqueren. Maar evengoed is het mijn gezin, en ik weet niet beter dan dat dit is zoals het hoort te zijn.”

“In een poging hier een fotoserie van te maken ben ik begonnen mijn familie te documenteren. Dat bleek echter moeilijker dan verwacht. Ik zat er zelf te diep in om op de belangrijke momenten mijn camera te pakken. Daarnaast voelt alleen documenteren voor mij niet als genoeg; ik wil een verhaal vertellen en zelf mijn beelden regisseren. Op dat moment zag ik een schilderij van Jan Steen in een van mijn kunstgeschiedenisboeken. Ik moest denken aan het huishouden van Jan Steen en begon een onderzoek naar het spreekwoord en de kunstenaar. Ik leerde veel interessante dingen over de schilder en de Nederlandse kunstgeschiedenis. Zo gebruikte Jan Steen vaak zijn eigen kinderen en vrouw als figurant en is hij zelf ook meerdere malen op de doeken afgebeeld. Hij maakt gebruik van humor, metaforen en overdrijvingen om zijn verhaal te vertellen. En hij schilderde zijn gezinstaferelen alsof het doodnormale mensen zijn. Dat was wat ik wilde doen.”

“Met deze elementen in mijn achterhoofd begon ik een uitbundig project waarbij de schilderijen van Jan Steen (en later ook Johannes Vermeer) de basis voor mijn foto’s zouden vormen. Mijn gezin bleef de aanleiding, mijn gezinsleden de figuranten, maar mijn foto’s zijn mijn verhaal, precies zoals het hoort te zijn.”

Soo d’oude songe, soo pypen de jonge
Tahné Kleijn
AKV Sint Joost, Breda
2015

De Schuldenaar 961 px

Gebed voor de maaltijd 961 px

Het dronken paar 961 px

Het morgentoilet 961 px

Soo d'oude songen, soo pypen de jonge 961 px

Voor spek en bonen 961 px

Zelfportret naar Jan Steen 961 px

Eindexpo 2015: Esmee Sherlock

Honderden studenten studeren deze zomer af aan een van de vele kunstopleidingen die Nederland telt, klaar om aan de slag te gaan als beroepskunstenaar. HP/De Tijd licht de komende maand elke week vier aanstaande alumni uit – vier jonge kunstenaars die vol trots hun eindexamenwerk aan de wereld willen laten zien. Vandaag: Esmee Sherlock (Nijmegen, 1993) studeert met de fotoserie ‘Are you okay, little girl?’ af aan AKV Sint Joost in Breda.

Over haar afstudeerwerk
“Het is de eerste keer dat ik uitga ik het Engelse Harrogate, een stad die vroeger een oase was voor rijke mensen, waar ik samen met mijn neef en zijn vrienden ben. Om toegelaten te worden in een club moeten de vrouwen een rokje of een jurk en hakken dragen. Het is winter en het is veel te fucking koud om een jurk te dragen met blote benen en open schoenen, maar gelukkig is er alcohol om me op te warmen. Eenmaal in de club bieden mannen me drankjes aan en word ik gevraagd of ik wil dansen. Ze zien me als een soort exotisch prooi die ze makkelijk naar binnen kunnen halen. Mooi niet. Als een jongen te dichtbij mij komt en me probeert te kussen, ren ik naar het meisjestoilet waar ik even bij zinnen moet komen. Aangezien ik alleen maar met jongens uit ben heb ik geen ‘vriendin’ die mij kan redden. ‘‘Are you okay, little girl?’’, hoor ik ineens naast me. Ik kijk op en zie een dikke mooie dame op de wastafel zitten die me uitnodigend aankijkt. Opgelucht was ik dat ik iemand heb om tegen te praten over wat er zojuist is gebeurd.
‘‘De vrouw heet Mercy, de toiletjuffrouw van de nachtclub in Yorkshire. Ze is een alleenstaande moeder van twee kinderen en woont in een achterstandswijk in Leeds. Niet alleen is ze moeder voor haar twee kinderen, ook in de nachtclub komt die rol van pas. De meiden die het toilet bezoeken vinden steun en advies bij haar. Mercy heeft inmiddels ‘vaste klanten’ die, voordat ze de dansvloer op gaan, eerst haar om de nek vliegen. Later op de avond zijn de meiden zo dronken dat ze zelfs verzorging nodig hebben: ze balanceren op hun hakken, hun kleren worden door Mercy rechtgetrokken en als ze zich niet lekker voelen staat zij voor hen klaar. Zo’n nacht is hectisch, wanneer zij thuiskomt van haar werk kan ze niet rusten, aangezien haar kinderen wakker worden en er een nieuwe dag voor hen start.
‘‘Ik was van meet af aan zo gefascineerd door Mercy, dat ik besloot haar leven vast te gaan leggen. Binnen één jaar tijd ben ik vier keer naar Engeland gevlogen om Mercy te portretteren. Deze fotoserie is daar het resultaat van.”

Meer werk van Esmee Sherlock vindt u hier.

Are you okay, little girl?
Esmee Sherlock
AKV Sint Joost, Breda
2015

HPDETIJD1HPDETIJD2HPDETIJD3HPDETIJD4HPDETIJD5HPDETIJD6