Tino Martin: ‘Om de zoveel maanden neem ik een andere auto’

Tino Martin (34) is een rijzende ster in muziekland. In juni stond hij nog in Ziggo Dome – de kaarten waren binnen een half uur uitverkocht. Deze zomer is de sympathieke volkszanger een van de artiesten in Beste Zangers. Een gesprek over zijn weigering bij De Toppers, zijn ervaringen met drugs en zijn succes: ‘Ik durf wel te zeggen dat ik een van de zes beste zangers ben van Nederland.’

Uit: Playboy 07, juli 2018.

Q1. Je bent een van de meest geboekte artiesten van Nederland, verkocht onlangs de Ziggo Dome binnen een half uur uit en toch gaat niet bij iedereen meteen een belletje rinkelen bij de naam Tino Martin. Hoe kan dat?
Het feit dat sommige mensen me nog niet kennen zie ik als iets positiefs, want dat betekent dat er nog veel te winnen valt. Toch durf ik te stellen dat iedereen die van Nederlandse volksmuziek houdt, mij wel kent: als ik een concert geef in Carré of Ziggo Dome dan is dat binnen een paar minuten uitverkocht. Dat lukt niet als niemand je kent. En als je niet van mijn muziek houdt, dan ken je me misschien niet. Dat is ook prima. Ik zal je eerlijk vertellen: toen ik laatst hoorde dat Avicii was overleden, wist ik ook niet wie dat was, gewoon omdat zijn muziek mij niet zo aanspreekt

Q10. Leg je weleens een lijntje om zo’n druk werkschema vol te kunnen houden?
Nee. Ik kan me niet voorstellen dat mensen beter gaan presteren als ze cocaïne gebruiken. Ik vind het ook gevaarlijk. Ik denk dat je er bang van wordt als je weet hoeveel mensen dat spul gebruiken. En echt in alle lagen van de bevolking: het zou me niet verbazen als ook mensen in het parlement tussen de debatten door af en toe een lijntje leggen. Ik weet waar ik het moet halen, ik krijg het zelfs de hele dag van links en rechts aangeboden, maar ik hoef dat witte poeder niet te hebben.

Q11. Geef je veel geld uit aan kleding
Ik ben helemaal niet materialistisch ingesteld. Echt niet. Als ik morgen alles kwijt ben en je geeft me 200 euro, dan kan ik bij de H&M een paar heel leuke setjes kleding kopen en dan loop ik er de komende vijf weken weer leuk bij. Ik geef geld wel vrij makkelijk uit. Ik betrap mezelf er weleens op dat ik een winkel binnenloop, drie jassen tegelijk koop en niet eens weet wat het kost. De rekening laat ik gewoon opsturen.

Q12. In welke auto rijd je?
Dat wisselt nog weleens. Ik heb op dit moment zelf een Audi Q7 en een Audi station en mijn vriendin heeft net een nieuwe Mercedes. Om de zoveel maanden neem ik een andere auto. Ik snap ook niet waarom mensen jarenlang in dezelfde auto rijden. Het is toch veel leuker om regelmatig van auto te wisselen? Ik wacht nu op de Audi A9. Hij bestaat nog niet, maar ik heb hem al wel besteld. Als hij over een paar maanden de fabriek uit rolt, ben ik de eerste die hem heeft.

Q16. Krijg je weleens slipjes naar je hoofd geslingerd tijdens een optreden?
Nee, dat niet echt, maar ik krijg weleens berichten binnen van vrouwen die me bij hen thuis uitnodigen – en niet voor een kopje koffie. Ze hebben dan gezien dat ik ergens bij hen in de buurt optreed en vragen of ik na het optreden langs wil komen. Onderaan de mail staat dan altijd hun adres. Soms vragen ze zelfs wat ik het liefst drink. Het verbaast me altijd dat er mensen zijn die denken dat het echt zo werkt. Dat ze een mail sturen naar mijn management en dat ik dan ’s avonds op de stoep sta voor een gezellige avond. Dat vind ik wel lachwekkend.

Q17.Ben je nooit in de verleiding geweest om een keer bij zo’n groupie langs te gaan?
Nee. Ik ben over alles open en eerlijk, ik hou ook echt wel van vrouwen, maar zoiets zou ik nooit doen. De jongens met wie ik werk, zeggen weleens: jezus, zag je dat meisje naar je kijken? Ze stond bijna te kwijlen, joh. Ik zie dat niet. Die dingen ontgaan mij altijd. Dat meen ik echt. Ik ben daar ook helemaal niet mee bezig. Ik kan je met zekerheid zeggen, en mijn vriendin weet dat ook: ik ben niet die zanger over wie je in de roddelbladen leest dat hij na een optreden lag te krikken in zijn kleedkamer. Dat is helemaal niets voor mij.

Het hele interview is hier te lezen.

Olcay Gulsen: ‘Van types als Sylvana Simons gaan mijn haren rechtovereind staan’

In haar boek SuperOlcay doet Olcay Gulsen (38) uit de doeken hoe je met lef van niets naar de top komt. Ze kan het weten, als de vrouw die eigenhandig een mode-imperium uit de grond stampte. 20 vragen aan ‘de ultieme girlboss van Nederland.’

Uit Playboy, maart 2018. Het gehele interview leest u hier.

 

In je boek Superolcay vertel je over de grootste valkuil van mensen die van niets komen en opeens succes krijgen: overshinen. Hoe zag dat er bij jou uit?

Ik was al op jonge leeftijd redelijk snel succesvol en wilde dat heel erg laten zien aan iedereen. Ik vond mezelf wel wat. Ik kocht mooie klokken, dure auto’s, het was echt te cheesy voor woorden. Op een gegeven moment vierde ik zelfs mijn dertigste verjaardag op een afgehuurd jacht aan de Zuid-Franse kust met zogenaamd mijn beste vrienden, maar dat waren natuurlijk niet mijn vrienden. Als ik daar op terugkijk, vind ik dat echt een irritante houding van mezelf. Het is ook een beetje een dommige manier om indruk te maken. Zo’n feest op zo’n jacht heeft niets te maken met geluk of gezelligheid. Als ik nu op de bank zit met een paar echte vrienden dan is het pas écht gezellig. Daar hoef je geen dure champagne voor te drinken.

We lazen dat je in een huurhuis woont van €4.500 per maand. Waarom koop jij geen huis?

Omdat ik mijn hele leven al heel graag direct wil kunnen verhuizen. Dat is meer een psychisch dingetje. Ik heb een soort bindingsangst, met mensen en met plekken.

Wat is het duurste kledingstuk dat je bezit?

Ik denk dat het meeste geld in mijn tassencollectie is gaan zitten. Ik had er ontzettend veel, waar ik belachelijk veel geld aan had uitgegeven, maar toen er twee jaar geleden bij mij is ingebroken hebben ze alles meegenomen. Dat was echt heel zuur. Toen moest ik opnieuw beginnen. Ik nam me voor om er niet meer zoveel te kopen. Ik heb er nu een stuk of twintig, nog steeds veel te veel natuurlijk, die variëren tussen de €1.200 en €9.000.

6. Bij jou lijkt alles altijd zo vlekkeloos te verlopen. Gaat er ook weleens iets mis?
Natuurlijk. Ik heb een periode heel slecht in mijn vel gezeten. Tussen 2014 en 2016 had ik denk ik een burn-out, al zou ik dat nooit tegenover mezelf toe willen geven. Ik was helemaal klaar met de mode-industrie en de televisiewereld en heb toen echt twee jaar in de luwte geleefd. Och man, ik had het zo zwaar. Ik had mijn hele leven al mijn emoties uitgeschakeld. Ik had nooit gehuild, ik had me nooit kwetsbaar opgesteld, en toen gleed ik me toch uit en werd het twee jaar lang een groot jankfestijn. Ik voelde me zo slecht. Ik dacht ook echt dat ik er nooit uit zou komen. Achteraf gezien had ik hulp moeten zoeken, maar daar was ik toch te trots voor. Ik dacht dat ik het wel zelf kon en daarom heeft het ook zo lang geduurd.

In die periode was ik ook nog eens de gevierde vrouw. Dat matchte natuurlijk totaal niet met hoe ik me voelde. Ik dacht op een gegeven moment: ik boek gewoon een enkele reis naar een ver land en ik kom nooit meer terug. Al die ellende heeft me ook wel iets geleerd. Ik was altijd een schoft voor mensen die een burn-out hadden. Ik vond altijd dat ze zich niet zo aan moesten stellen. Ik kan natuurlijk nog steeds wel bedrijfseconomisch denken, ik bedoel: als jij een burn-out hebt en je contract loopt af, dan ga ik dat natuurlijk niet verlengen, maar ik ben niet meer de kille werkgever die ik ben geweest. Ik begrijp nu wat zoiets met je kan doen.

11 Je omschreef je vader in een oud interview eens als ‘een schizofreen, verslaafd aan heroïne en alcohol en gewelddadig tegen zijn hele gezin’. In het dankwoord van je nieuwe boek bedank je hem voor ‘zijn kleurrijke geest’. Wat is er de afgelopen jaren veranderd in jullie verhouding?

Ik ben ouder geworden. Dat is het denk ik. Ik was natuurlijk echt een rebel, ik schopte tegen alles en iedereen aan en daarbij het hardst tegen mezelf. Die drang heb ik nu minder. Ik zie nu heel goed in dat hij slachtoffer is van zijn ziekte en dat hij mijn jeugd niet bewust tot een hel heeft willen maken. Ik vind hem heel zielig en ik hou van hem – heel tegenstrijdig. Ik spreek hem nu een of twee keer per week en dat vind ik prettig.

12 Je moeder was ook niet de makkelijkste ouder, toch? Ze zegt onomwonden dat ze je eigenlijk had willen laten aborteren.

Ik weet niet meer hoe ze dat vertelde. Volgens mij heeft ze van kleins af aan al tegen mij gezegd dat ze liever had gewild dat ik doodgeboren was. Ik heb daar alleen nooit mee gezeten.

13 Heeft die moeilijke gezinssituatie jouw gedachten over het zelf stichten van een gezin beïnvloed?

Ik heb daar heel lang moeite mee gehad, maar meer door de ziekte van mijn vader. Schizofrenie is namelijk best wel een sterk genetisch bepaalde ziekte in onze familie. Mijn vader heeft het, zijn moeder had het, haar moeder had het ook… Ik dacht: misschien ben ik dan de lucky one die het niet krijgt, maar wat als mijn kind het wel krijgt? Omdat ik door mijn vader weet hoe erg het is om die ziekte te hebben. Nu sta ik daar anders in. Als ik de keuze had, dan zou ik wel een gezin willen stichten. Ook de angst dat ik daardoor misschien niet meer zoveel kan werken is nu weg. Ik was altijd zo gefixeerd op het zakelijk succes, maar nu denk ik: misschien is het krijgen van een kind wel het mooiste wat je kan overkomen.

14 Wat is op dit moment het grootste verdriet in je leven?

Mijn vader. Nog steeds. Als ik ergens wakker van word of ik heb een knoop in mijn maag, dan is dat altijd om die reden. Erg vind ik dat van mezelf. Ik kan er namelijk toch niets aan veranderen. Ik denk altijd wel dat ik alles kan veranderen, ik ben een supermens, dus ik kan toch ook wel mijn vader beter maken? Maar dat kan ik dus niet. En dan hoop ik altijd dat hij doodgaat. Dan heeft hij geen stemmen meer in zijn hoofd, hoeft hij geen drugs meer te scoren en is hij verlost van alle ellende. En dan voel ik me daar weer schuldig over.

15 Wat is het grootste misverstand dat over jou bestaat?

Dat ik arrogant ben. Ik ben zelfverzekerd, maar dat wordt vaak verward met arrogantie.

18 Je schrijft in je boek dat je een hekel hebt aan jonge allochtonen die blijven hangen in hun slachtofferrol. Wat bedoel je daar precies mee?

Nou ja, dat ze de buitenlandkaart spelen. Zo van: ‘Ja, ik word gediscrimineerd en daarom word ik niet aangenomen.’ Man, hou toch op. Je leeft in een land waarin alles kan en mag. Je kunt hier met veel inzet en hard werken iets bereiken, ook als je bent geboren in het verkeerde milieu. Ik ben wat dat betreft hartstikke trots op Nederland. Nederland staat voor mij gelijk aan vrijheid, maar die vrijheid wordt een beetje ingeperkt. We verdwalen ook echt in discussies.

Je mag niets meer zeggen, maar daar tegenover staan juist weer mensen die heel veel mogen zeggen en die daar ook gretig gebruik van maken. Van types als Sylvana Simons en die mannen van DENK gaan mijn haren recht overeind staan. Dat zijn zulke moemakers. Ik vind het walgelijk hoe ze een slachtofferrol op zich nemen met als enige doel om aandacht te krijgen. En die aandacht krijgen ze ook nog eens. Het is een soort vicieuze cirkel. Gelukkig zijn er ook nog steeds mensen die intelligente dingen zeggen, zoals golden boy Jesse Klaver, op wie ik vorig jaar ook gestemd heb. Dat is iemand in wie ik me politiek gezien wel kan vinden. Ook van vrouwen die zeggen dat ze minder kansen hebben dan mannen kan ik moedeloos worden. Vrouwen die er echt voor gaan, hebben ook veel kansen. Ik huiver dan ook altijd een beetje bij het woord feminist. Ik zou mezelf niet zo snel zo noemen – al ben ik het wel. Bij feministen denk ik toch altijd aan van die losgeslagen vrouwen met korte haren en tuinbroeken. Ik ben wat dat betreft meer een ‘vrouwelijke’ feminist.

19 Over de ontstaansgeschiedenis van Supertrash is altijd wat onduidelijkheid geweest. Quote plaatst bijvoorbeeld vraagtekens bij het feit dat het merk in Los Angeles zou zijn opgericht door een zekere Ava Riley en door jou zou zijn opgekocht. Zij stellen dat je het merk zelf hebt opgericht en dit verhaal alleen hebt verzonnen om het wat beter in de markt te zetten. Klopt dat?

Die verwarring is toch alleen maar leuk? Alles is een verhaal. En als er geen verhaal is dan moet je maar een verhaal maken. Ik heb veel gebluft, ik heb een beetje gelogen, ik heb interessant gedaan, ik heb mezelf beter voorgedaan dan ik was – het hoort er allemaal bij. En ik zou het morgen weer doen. Dat is onderdeel van de strategie. Je moet je best doen om een beetje op te vallen.

20 Waar hoop jij over tien jaar te staan?

Dan zit ik niet meer in de mode-industrie. Ik vind het een te gekke industrie, ik heb veel meegemaakt, veel geleerd, ik heb alles daarin wel bereikt, maar ik zou me ook wel weer eens op iets nieuws willen storten in een wereld waarin ik de regels nog niet ken. In Amerika noemen ze dat the third act of life. Het lijkt me heel leuk om misschien iets in de media te gaan doen, of de stoute schoenen aan te trekken en iets aan ontwikkelingshulp te gaan doen. Ik weet het nog niet. Ik ben alleen te jong om de rest van mijn leven te doen wat ik nu doe, maar eigenlijk ook te oud om met iets heel nieuws te beginnen – al wil ik dat wel heel graag.

Don Diablo (Interview in English)

Don Diablo (38) has released his second album after ten years: Future. He is one of the eleven most popular DJs in the world, has sold out venues everywhere, but he hardly gets any recognition for his music in the Netherlands. “And that’s weird,” he says.

Published in Playboy The Netherlands, april 2018. Automatically translated with Google Translate.

1. Why did it take almost ten years for you to release a second album?

That had several reasons. One was that I was looking for a new sound, which I eventually found with future house. Another was that I wanted to create more support for my music. My music is not played very much on the radio. So I had to provide a larger fan base. The remixes I made for Madonna, Rihanna and Ed Sheeran, among others, made my international breakthrough. Five years ago I still had 20,000 fans on Facebook, now I have three million. That makes it a lot easier to sell an album with sixteen songs.

2. You are at the basis of the future house. Can you explain what that is exactly?

That actually started five years ago, the moment I lost my father. Just before that I had a conversation with him. It suddenly became clear to me how precious time is, how special it is that you have a future at all. I thought: from now on I will live in the future. If I didn’t make it, then I have already seen the future. You see it reflected in my socials, in my clothing line, in my radio show that is being hosted by a robot – everything takes place in the future. But of course I never expected that it would become a wave movement that has traveled the world.

3. You have reinvented yourself before. As a teenager you were a nerd, complete with ponytail, silly clothes and slightly autistic traits, to speak with your own words. How bad was it?

I was always that boy who had no friends, who could never have a girlfriend, who was always chosen last in gym. At the age of 15 I thought: fuck it, I don’t have to be that person. I started calling myself Don Diablo, making Don Pepijn Schipper from Coevorden actually a kind of Clark Kent, who went to school during the day and spent the night brewing in his laboratory on all sorts of ideas to escape everyday reality. I still feel that way: before I step on stage I put on my superhero outfit and become Don Diablo.

4. Does Don Pepijn Schipper actually still exist?

At one point Don Pepijn Schipper and Don Diablo became one and the same person. I can’t tell you where the difference is. I am still that uncertain boy who wonders what his role is on this globe. The only thing I can do to suppress those inner voices is to work seventeen hours a day, seven days a week. And to try to create something that goes beyond myself. A kind of movement. With everything I do, I want to create something that the outcast feels comfortable with. Because there is no such thing as an outsider.

5. What are you most uncertain about at the moment?

Literally about everything. As soon as I leave the stage, after I have performed for 10,000 outrageous people, I immediately lock up and start doubting everything. After such a show, I should just go into a much too expensive hotel room with a bottle of champagne in the hot tub, but all I do is meditate and think: I should do this better next time. That uncertainty just remains.

6. Do you find yourself attractive?

Sometimes yes, sometimes no. I think that in essence everyone is attractive, provided you have the right light and the right angle. And being attractive is something other than being handsome. You have very superficial attractiveness, for example when you think that someone has a nice jaw line, but on the other hand it is also very attractive if someone is passionate about something. Appearance then has not much to do with it.

7. Does that also apply to women?

Yes! When I look at the women I have been in love with … Blond, red and black, big buttocks and thin buttocks, big and small breasts … I really am such a sucker who doesn’t fall for looks but for personality. I am always very attracted to women who have a dream and also do everything in their power to realize that dream. A relationship must be, above all, that you trust and love each other, that you stimulate each other in the pursuit of dreams. It can be very attractive if someone understands that.

8. Has your work ever stood in the way of a relationship?

Of course I am away from home a lot. My ex-girlfriend said: you are never at home, and when you are at home I only see your back, because then I was in the studio. She accepted that for a very long time and supported me in it for a long time, until she realized that this would never change.

9. Would you like to change that?

If you are so close to something big, as is now the case with me, then it is not the time to run slower. I have had so many people who have thwarted me, so many people who did not see anything in me and did not allow me success … Quitting was not an option. If I had done that I would have gone crazy for the rest of my life. I had to prove to myself that I was worth something. I used to look in the mirror and then I was just shocked. I was literally too uncertain to look at myself. Since I call myself Don Diablo that is over.

10. Are you currently in a relationship?

No. Of course I would like to have a nice girlfriend, but now it is also convenient that I am single. Since it went out with my girlfriend, I notice that something has fallen from me. I can now do my own thing full blazing up to four in the morning without having to account for it.

11. How much do you earn?

I swear on my mother: I have no idea how much is on my bill. And I don’t want to know either. Because so much goes out, there are so many costs. For example, I have just done a tour through America. All shows were sold out: 4,000 tickets here, 5,000 tickets there, and yet I hardly have anything left at the bottom. You travel with seventeen people, all of whom must have an airline ticket and a hotel room, equipment must be rented. That’s why I always tell my accountant: I don’t want to know how much I earn, I just want to know if I have enough money to pay my people. My goal is not to become the richest man in the cemetery, but to make beautiful things.

12. What do you spend a lot of money on?

I don’t think I’ve been on vacation for ten years, so that’s not it. In fact, I only spend a lot of money on my music. To equipment. I think on the computer next to you there is more than 100,000 euros in plug-ins. But I also spend a lot of money on the creativity around it. For example, I play a video clip for each single. That is actually too expensive, but I do it anyway.

13. You once wanted to go to the film academy. Would you like to make a movie in the future?

Yes. I have even set up a special film division within my company, for which four people have been working full-time for two years now on a futuristic epic that should become the most horrifying feature of all time. I don’t have a deadline for that, but suddenly it will be there once.

14. You have also been working on a documentary about yourself for seven years. Tell me?

Every deejay has its own documentary about itself, but as I watched more documentaries from colleagues, I started to realize how superfluous most documentaries are. I went back to the drawing table and am working on a film that should reflect my reality. It must be a combination between film and documentary. Donnie Darko meets Big Fish. It is not about my story, but about the things we all experience, and I want to show it as honestly as possible. My mother will soon be moving out of my parental home, so closing off your childhood will be an important theme. The deadline has been shifting for three years, but my goal is to finish it early next year.

15. When did you last cry?

That was in New York last week. It was after the last show of an incredibly heavy tour in which everything went wrong that could go wrong. At the end of that last show I played the song that I wrote for my father: The Artist Inside. I projected images of my father, of how he was, how I was, I saw myself as a boy and at the same time him as an old man and I didn’t like it anymore. Afterwards I sobbed into my manager Andrew’s arms. He said, “Your father saw it,” and then began to cry himself.

16. Your father was a big music fan. To what extent have you been influenced by music from your youth?

I think that is why I set the bar very high. I grew up with artists like Freddie Mercury, Prince and David Bowie. These are artists who can be far above my own, who are much more talented than me. I try to measure myself against that, but I shouldn’t do that, because that makes me think: who the fuck am I to make music? While what they do and what I do is of course totally incomparable.

17. Do you think you get enough recognition in the Netherlands?

I am not overloaded with prices in the Netherlands every week. And that is strange, because I am in the top 300 of most listened to artists worldwide on Spotify, which not many Dutch artists can say. I do not know why it is that I apparently do not stand out. I think you need six million streams to get a platinum record. I have fifty million streams on some plates, but not all of them have taken place in the Netherlands, which means I don’t get gold or platinum here. As a result, you just don’t get that Popprijs, just not that Edison, just not the recognition that other artists get here. But I am past the point that I can worry about that. Recognition naturally comes in many forms. I may not have a full prize cabinet, but I can go to world cities like Los Angeles and New York and sell out big concerts there in my own name.

18. Martin Garrix has been crowned the best DJ in the world for two years in a row. Rightly or not?

There is no one who is more popular than he is at the moment. You can tell that from everything: ticket sales, world hits… I could of course look at him with envy, were it not for me to see him as a friend and he is a boy with a golden heart. That makes it all a lot more bearable. And I now also have success. That also helps a lot. I know that many colleagues who did not have that feeling embittered. If you have big dreams and you get stuck in the middle bracket, then that can ultimately be a big nightmare.

19. What is the strangest request you have ever had from a woman?

A woman once asked me if I wanted to put a signature near her vagina. She then had them tattooed. Later she came to a show again, now with her boyfriend. I asked him, “Don’t you think that tattoo is weird on that place?” He answered: “No, I am also a big fan, so it is an honour to watch your autograph when I cum.” That was a rather strange incident.

20. Which song in the background would you like to die with?

Bluejeans & Moonbeams by Captain Beefheart – the stage name of Don Van Vliet, after whom I am named. That number immediately brings me back to my childhood, to my parents and brother. That is the beauty of music, that it goes so much further than just sound. It evokes memories that you will carry with you for the rest of your life. Fuck your money, fuck your fame, in the end you take nothing with you, except a few nice memories.

Géza Weisz: ‘Ik wil zoveel mogelijk vrouwen veroveren’

Interview met Géza Weisz voor Playboy. (Januari 2017)

Deze maand schittert hij in de bioscoopfilm Het leven is verrukkulluk, geregisseerd door zijn vader. ‘Ik maak me geen illusies: ik had deze rol niet gekregen als hij niet de regisseur was geweest.’

1 Je speelt een van de hoofdrollen in Het leven is vurrukkulluk – de film naar het gelijknamige boek van Remco Campert. Hoe was het om zo intensief samen te werken met je vader (regisseur Frans Weisz, red.)?
Het is oprecht de beste ervaring uit mijn leven. Ik heb wel vaker meegespeeld in films van hem, maar dat waren altijd maar een paar draaidagen, nooit een hoofdrol. Deze keer was echt voor het eerst dat hij mijn regisseur was in plaats van mijn vader. En dat is even wennen. In general is het zo dat je als acteur naar de regisseur luistert en dat was in dit geval niet anders, al durf je misschien wel wat meer tegen hem te zeggen omdat het je vader is.

2 Zou je de rol ook hebben gekregen als je vader niet de regisseur was geweest?
Ik maak me geen illusies: ik had deze rol niet gekregen als de regisseur niet mijn vader was geweest. Ik ben niet de meest voor de hand liggende acteur om die rol te spelen. Daar kun je gewoon eerlijk over zijn. Als je naar m’n cv kijkt… Maar ik ben wel heel blij mee met deze rol. Ik heb ook niet het gevoel dat ik de keuze van mijn vader hoef te rechtvaardigen – al heeft hij dat zelf wel een beetje. Sommige mensen zullen er de poëzie van inzien, dat vader en zoon samen aan een film werken, en dat die zoon dan ook nog eens is vernoemd naar de vader van zijn vader, een acteur uit Berlijn die de oorlog niet heeft overleefd… En een ander zegt dat een andere acteur veel geschikter zou zijn voor de rol. Wat je als regisseur ook besluit, het heeft geen zin om dat met woorden te verdedigen. You can’t have them all. Je moet gewoon zorgen dat de film goed is. En ik vind hem erg goed geworden.

We vroegen chef-kok Ron Blaauw waarmee een middelmatig kokende man een vrouw kan verleiden
Lees ook:
We vroegen chef-kok Ron Blaauw waarmee een middelmatig kokende man een vrouw kan verleiden
Wanneer is de culinaire honger van Ron Blaauw eindelijk gestild? Het is een vraag waar hij zelf ook geen antwoord op heeft. Want voorlopig dijt het horeca-imperium van de hotste …
3 Het leven is vurrukkulluk gaat over twee jongens die verliefd worden op hetzelfde meisje. Is jou dat weleens overkomen?
Ja, best wel met enige regelmaat. Ik heb een soort Napoleoncomplex: ik wil zoveel mogelijk vrouwen veroveren. Als ik een vrouw zie van wie m’n vrienden ook ondersteboven zijn, dan voel ik toch een soort competitiegevoel. Ik gun mijn vrienden echt alles, maar als zij ook verliefd zijn op dat meisje, dan wil ik haar toch voor me winnen. Ik ben ook weleens verliefd geworden op een bezet meisje, maar dat vond ik helemaal niet prettig. Ik heb het zelf een keer meegemaakt om belazerd te worden en dat deed zo’n pijn dat ik zelf nooit die guy wil zijn.

4 Waar ben je het meest onzeker over?
(Na een lange stilte:) Moeilijk. Ik heb natuurlijk een soort bewijsdrang. Als je kijkt naar het werk wat ik doe, dan is het altijd: ‘Kijk mij eens.’ Ik heb een soort drive om gezien te worden. Maar waar dat vandaan komt weet ik niet. Ik ben nergens onzeker over. Mijn lengte werkt natuurlijk niet in mijn voordeel bij het veroveren van een vrouw, maar daar kan ik niets aan doen. Dat hoort bij mij. Misschien gaat die drive wel verder dan onzekerheid. Mijn opa is in de oorlog letterlijk onzichtbaar gemaakt door de Duitsers. Mijn vader heeft geen fysieke herinneringen aan hem. Misschien is de drive van mijn vader en mij wel om niet ook onzichtbaar te worden. Om ons bestaan te bevestigen, zo van: ‘Kijk, hier ben ik.’

5 Wat vind je aantrekkelijk aan een vrouw?
Heel cliché: de ogen. En ik ben ook wel een walgelijke, oppervlakkige loser die heel vatbaar is voor mooie vrouwen. Ik word vaak op slag verliefd en ga dan allemaal eigenschappen op haar projecteren die ze helemaal niet heeft. Het is vaak een blik waarna ik denk: jou wil ik.

15 Je hebt een jaar lang gewerkt bij Kemna Casting – het bureau dat in opspraak is geraakt omdat castingdirecteur Job Gosschalk werd beschuldigd van seksueel grensoverschrijdend gedrag jegens acteurs en dat ook bekende. Heb jij daar ooit iets van gemerkt?

Lees het antwoord op deze vraag en de rest van het interview in de Playboy die nu in de winkel ligt of op Blendle!

Javier Guzman: ‘Ik heb me lange tijd verantwoordelijk gevoeld voor de dood van mijn vader’

Interview voor Playboy. November 2017.

In zijn nieuwe voorstelling Ga-Bie-Jer maakt Javier Guzman (40) korte metten met zijn driftkikkerimago. Hij stelt zich voor als de verlegen en bescheiden man die hij eigenlijk meent te zijn. Maar vals bescheiden is hij niet: dat hij tot ’s lands beste cabaretiers behoort, durft hij best te erkennen.

1. Reken jij jezelf tot de tien beste cabaretiers van Nederland?

Het is dat anderen het zoveel gezegd hebben, zowel critici als publiek, dat ik wel durf te zeggen dat ik tot de top tien behoor. Een aantal jaren geleden was ik van management veranderd en stond ik opeens tegenover een van de beste theaterboekers van Nederland. Hij keek me aan en zei: ‘Je weet nu wel tot welke categorie je behoort?’ Ik antwoordde zonder valse bescheidenheid: ‘Ik denk dat ik wel tot de vijftig beste cabaretiers van Nederland behoor.’ Hij keek me beduusd aan. ‘Vijftig? Je staat op dit moment in de top vijf van beste cabaretiers van ons land!’ Toen pleurde de tonic uit m’n poten. Ik was alleen maar bezig met spelen. Ik had daar totaal geen zicht op.

2. Zou je iets aan jezelf willen veranderen?

Ik zou me minder schuldig willen voelen. Ik voel me altijd schuldig. Over alles. Ik hoop dat ik het niet alleen op het toneel maar ook privé fijn zal hebben. Ik heb het nu fijner dan ik lange tijd heb gehad. Ik heb een hele lieve vriendin en ben steeds beter in balans. Ik heb het gevoel dat ik op een kantelpunt in mijn leven sta: ik vind steeds meer innerlijke rust, ik weet mijn tijd steeds beter in te delen en wordt steeds gelukkiger.

3. Wat is op dit moment het grootste verdriet in je leven?

De zelfmoord van mijn vader. In het laatste gesprek dat we hadden kregen we ruzie. Ik onderhield hem financieel en zei dat ik daar even mee zou stoppen. Dat het voor hem tijd werd om op eigen benen te gaan staan. En toen zei hij: ‘Dat kun je wel doen, maar dan maak ik er een eind aan.’ Ik dacht dat het gewoon bluf was. Want dat deed hij wel vaker. Bluffen. Maar dit was een van de weinige keren dat hij dat niet deed. Ik heb me lange tijd verantwoordelijk gevoeld voor zijn dood. En nog steeds. Daar komt dat altijd aanwezige schuldgevoel ook vandaan, denk ik.

4. In je voorstelling Ga-Bie-Jer stel je jezelf ‘opnieuw voor aan het publiek’. Wat is de grootste misvatting die onder dat publiek er over jou bestaat?

Na lang aarzelen: “Dat ik op het toneel net zo ben als in het echt. Ik denk dat mensen verwachten dat ik in het dagelijks leven een nietsontziende rauwdouwer ben, maar eigenlijk ben ik een heel bescheiden en verlegen man. Ik ben wel een enfant terrible maar dat zit hem niet in fysieke agressie”

5. Hoe kan het dan dat je meermaals in het nieuws bent geweest met vechtpartijen?

Dat berust allemaal op een misvatting. Van het eerste incident waarmee ik het nieuws haalde, die vechtpartij op de Zeedijk, was ik niet de agressor. Mijn broer en ik werden tot pulp geslagen en wij sloegen terug. Ik kreeg wel van alle kanten de schuld in de schoenen geschoven. Als ik al vecht, dan vecht ik voor mijn vrijheid. Ik ben nog nooit een vechtpartij begonnen. En de keren dat ik agressief was en iets moest het ontgelden, dan waren dat tafels en stoelen. Geen mensen.

6. Toch kwam je in 2013 weer in het nieuws omdat je cabaretier Martijn Koning bij zijn huis met een stroomstootwapen zou hebben bedreigd. Is dat dan verzonnen?

Lees het antwoord op deze vraag op Blendle.

 

Raemon Sluiter: ‘Geen seks voor de wedstrijd? Die regel is bullshit’

Raemon sluiter (39) is niet weg te slaan van de tennisbaan. Na een profcarrière van dertien jaar is hij nu als coach van Kiki Bertens al succesvoller dan toen hij zelf tenniste. Een zonnig gesprek met de zelfbenoemde ‘schijtlollige ex-tennisser’ uit Rotterdam.

(Interview voor het julinummer van Playboy, 2017.)

Hoe ziet jouw zomer eruit?
Vanaf begin juli zitten we hopelijk twee weken in Londen voor Wimbledon, daarna hebben we een toernooi op gravel in Gstaad, gevolgd door een toernooi op gravel in Båstad. Dan hebben we een week vakantie, vervolgens gaan we een paar dagen trainen en dan vertrekken we naar Amerika voor een trip van vijf weken die we afsluiten met de US Open. En dan zitten we alweer in de eerste of tweede week van september.

Je bent de tenniscoach van ’s lands grootste tennisster Kiki Bertens. Wat is de belangrijkste taak van een coach eigenlijk?
Dat hij te allen tijde het maximale uit de speler probeert te halen. In mijn geval doe ik dat door veel te praten. Ik ben er heilig van overtuigd dat als een speler niet weet waar zijn problemen liggen en enkel de instructies van de coach opvolgt, je het probleem nooit helemaal weggewerkt krijgt. Ik zeg niet: ‘Goh, doe eens dit of doe eens dat’, maar: ‘Goh, is dit misschien een goede manier om het probleem op te lossen, of denk je dat die andere manier beter werkt?’ Natuurlijk gaat iemand door deze manier van werken weleens op zijn snufferd, maar dat moet je als coach ook laten gebeuren. Ze zeggen dat je leert fietsen door alle keren dat je valt, maar dat is met tennissen ook.

Ben je miljonair?
Nee. Ik heb 1,7 miljoen dollar en een beetje achter mijn naam staan als career prize money, verdeeld over een periode van twaalf jaar, waarbij de competities die ik heb gespeeld en de sponsorinkomsten niet zijn meegerekend. Dat is overal terug te lezen. Maar dat bedrag heb ik er niet aan overgehouden. Ik heb, net als Kiki, onkosten moeten maken. Zo heb ik tien seizoenen fulltime een coach in dienst gehad die ik overal mee naar toe nam. Die kost te ongeveer een ton per jaar, inclusief reiskosten en hotelkamers die je moet betalen. Daarnaast heb ik altijd gewoon braaf belasting betaald in Nederland, dus ik ben helaas geen miljonair geworden van het tennissen.

Verdient je vriendin (Fatima Moreira de Melo) meer met pokeren dan jij met coachen?
Ik denk dat als we alles bij elkaar optellen, zij meer verdient dan ik. Maar dat weet ik niet zeker. Het is niet dat we het daar over hebben.

In het voetbal geldt: sex voor de wedstrijd is verboden. Hoe zit dat bij tennis?
Niemand houdt zich aan die regel. Ook niet in het voetbal. Ik hoorde van vrienden weleens dat ze op zaterdagavond Feyenoord-spelers tegen waren gekomen in De Après Skihut in Rotterdam. Dan was ik helemaal opgefokt, want ik dacht: jongens, jullie moeten morgen voetballen! Op zo’n avond gingen ze dan ook wel met een meisje naar huis, hoorde ik dan, en daar zullen ze vast niet een potje geyahtzeed hebben. Dus nee, die regel is bullshit. In het tennis zal dat net zo goed gebeuren. Ik weet zeker dat ik het zelf ook weleens een dag voor de wedstrijd heb gedaan.

Lees het hele interview op Blendle.

Jörgen Raymann: ‘Nederland zou baat hebben bij een milde dictatuur’

Na jaren van succes belandde Jörgen Raymann (50) vorig jaar in een zwart gat. Hij kreeg tegenslag op tegenslag te verduren, maar krabbelde weer op en schreef er een boek over: Raymann zoekt raad. Twintig vragen aan de rasoptimist.

Het gehele interview met Jörgen Raymann leest u in Playboy #6, 2017 of op Blendle.

1. In je boek Raymann zoekt raad vertel je wat volgens jou de beste manier is om gelukkig te worden en positief in het leven te staan. Wat is de beste raad die jij zelf hebt gehad?
Zoals de Chinezen zeggen: ‘Als je haast hebt, ga dan even zitten.’ Toen mijn oudere zus Peggy in 1985 overleed, heb ik geen tijd genomen om haar dood te verwerken. Dat kwam later als een boemerang in mijn gezicht terug. Neem je tijd om een heftige gebeurtenis te verwerken, en ga dan pas verder.

5. In welke auto rijd je?
Ik rijd nu in een heel mooie tweedehands Volvo XC60. Hiervoor reed ik een Porsche Cayenne, maar die heb ik moeten verkopen.

7. Een paar jaar geleden stopte je met je typetje Tante Es. Stak het dat zij eigenlijk populairder was dan jijzelf?

Helemaal niet. Ik maak me geen illusies: Tante Es is altijd populairder geweest dan ik. De koek was gewoon op. In het begin, als ik dan de jurk aantrok, nam ze me helemaal over. Dan was ik Tante Es. Op een gegeven moment werd dat gevoel minder en daarom ben ik met haar gestopt. Maar ik ben haar dankbaar voor alle successen die ze me heeft gegeven. Die Porsche Cayenne had ik aan haar te danken.

8. Je noemde jezelf eens de excuusneger van de NPO. Had jij als je blank was geweest ook 16 jaar lang een latenightshow gehad bij de publieke omroep?
Ik ben ooit aangenomen bij de NPS omdat ze een donkere presentator zochten. Het was in de tijd dat diversiteit nodig werd op de televisie en ze moesten bij de publieke omroep een zwart programma maken. In die zin kun je zeggen dat ik een excuuszwarte was. Maar ik dacht ook: in het leven moet je soms opportuun zijn zonder je principes overboord te gooien. Ik ben toevallig om mijn huidskleur aangenomen, maar ik denk ook dat ik bewezen heb dat ik wat kan. Anders hadden ze me na een seizoen wel de laan uitgestuurd.

17. ‘Ik denk dat ik na mijn vijftigste wel de politiek in wil,’ zei je in een van je allereerste interviews. Je werd vorig jaar 50. Wat is er over van die ambitie?(Lachend) Als je jong bent zeg je wel vaker stomme dingen. Ik geloof dat de oplossing niet meer uit de politiek komt. Politici kunnen geen idealen meer hebben: als je met elkaar wilt regeren, moet je veel van je idealen opzij zetten. En dat werkt voor mij niet. (Spottend) Weet je wat Nederland nodig heeft? Een milde vorm van dictatuur. Een sterke leider die zegt: geen gelul, we gaan het zo doen. Iemand die niet links is en niet rechts en iedereen gelijk behandelt. Discrimineer je vrouwen, autochtonen of allochtonen? Dan moet je naar een heropvoedingskamp. Misschien moeten we dan ook een andere staatsinrichting overwegen, met een Ministerie van Geluk en een Ministerie van Wederzijds Begrip en een Ministerie van Bruggen Bouwen. Die ministerspost wil ik dan wel bekleden. Even zonder dollen: ik denk dat je op die manier een land heel aardig kunt leiden. Pas dan zou politiek voor mij werken.

 

Tom Holkenborg (Junkie XL) over honderdurige werkweken, paniekaanvallen en biologische groenteshakes

Tom Holkenborg (49), beter bekend als Junkie XL, is zeer succesvol als filmcomponist. Na soundtracks voor onder meer Mad Max: Fury Road en Deadpool verzorgde de in LA wonende muzikant de filmmuziek voor Brimstone, de horrorwestern van Martin Koolhoven. Twintig vragen over honderdurige werkweken, paniekaanvallen, biologische groenteshakes en meer.

(Interview voor Playboy, april 2017.)

1. Wie is volgens jou de beste filmcomponist aller tijden?

Ennio Morricone. Ik vind zijn laatste werken niet zo speciaal, maar wat hij in de jaren zestig en zeventig heeft gedaan is echt te gek. In Once Upon a Time in America is hij op zijn best.

5. Hoeveel verdien jij per maand?
Ik heb geen flauw idee. Echt niet. Dat moet je aan mijn manager vragen. Geld interesseert me gewoon niet. Ik weet alleen dat ik verre van rijk ben en dat ik elke dag hard moet buffelen om mijn assistenten en nieuwe apparatuur te kunnen betalen.

7. Hoe ziet een gemiddelde werkdag er voor jou uit?
Die is elke dag hetzelfde. Ik word ’s ochtends om drie uur wakker. Dan zet ik een kop koffie en loop ik de studio in om de computers aan te zetten. Het eerste wat ik dan doe, is even de dag doornemen, gewoon om te kijken wat ik moet doen. Dan doe ik wat ademhalingsoefeningen en wat rek- en strekoefeningen – geen yoga, want ik heb een rughernia, maar het lijkt er wel op. Dan ontbijt ik met een biologische groenteshake en maak ik mijn eerste run tot half acht. Als ik mijn zoontje uit bed heb gevist, wat zakelijke telefoontjes heb gepleegd en met mijn inmiddels gearriveerde assistenten de dag heb doorgenomen, maak ik mijn tweede run tot half een. Na de lunch pleeg ik weer wat telefoontjes en maak ik een derde run tot half acht. Na het avondeten doe ik vaak nog een laatste run tot half elf en ga ik naar bed. Ik heb geen weekenden. Mijn assistenten ook niet. Iedereen werkt zeven dagen per week, zestien uur per dag.


19. Je ging een tijd gebukt onder ernstige paniekaanvallen. Hoe houd je die nu in toom?
Ik heb veel cognitieve gedragstherapie gevolgd. Dat is de meest succesvolle therapie om daar iets aan te doen. Het is wel een heel lange therapie. En het vergt ook veel zelfwerk. Je moet alle negatieve gedachten in je hoofd een voor een gaan vervangen door positieve gedachten en uiteindelijk kom je dan in rustiger vaarwater terecht. Als je dan een paniekaanval aan voelt komen, adem je wat langzamer en haal je de positieve gedachten er weer even bij. En dan ebt het zo weer weg.

Het gehele interview met Tom Holkenborg is te lezen in de papieren Playboy of op Blendle.

Dennis Weening: ‘Geert Wilders is een gevaarlijke man’

Dennis Weening (39) vindt ‘zijn’ Expeditie Robinson natuurlijk beter dan Wie is de Mol? – maar zijn deelname aan laatstgenoemde programma is wel zijn ‘allertofste’ televisie-ervaring tot nu toe. Zelf zou hij het minst graag op een onbewoond eiland zitten met Eddy Zoey. En van Geert Wilders moet hij ook niets hebben. ‘Dat is een gevaarlijke man.’  Lees verder Dennis Weening: ‘Geert Wilders is een gevaarlijke man’