Paul de Munnik (47), voorheen de helft van Acda en De Munnik, staat vanaf 21 maart in het theater. Wat kijkt en luistert hij in zijn vrije tijd?
Uit HP/De Tijd, maart 2018. Het gehele interview leest u hier.
BOEKEN “Mijn all-time favorite boek is A Prayer for Owen Meany van John Irving. Ik hou van zijn manier van vertellen. Hij gebruikt altijd verschillende verhaallijnen die uiteindelijk, zonder dat je het van tevoren ziet aankomen, heel ingenieus bij elkaar komen. Wat ik interessant vind aan dit boek is dat de ik-persoon (John Wheelwright) niet de hoofdpersoon is. Dat is Owen Meany, een Jezus-achtige figuur, die ervan overtuigd is dat hij een van Gods gezondenen is en een heldendaad zal verrichten. Zo eens in de twee jaar herlees ik het boek en nog altijd vraag ik me af: wat is dat voor een figuur? Alleen al de manier waarop hij praat: hij heeft zo’n gekke stem dat de schrijver alles wat hij zegt in kapitalen heeft opgeschreven. Daardoor hóór je hem krassen. Jonathan Safran Foer is een andere favoriet. Here I Am heeft diepe indruk gemaakt. Het gaat over een Joods gezin in de Verenigde Staten dat door allerlei omstandigheden in moeilijkheden geraakt – veel bondiger kan ik het niet samenvatten. Het gaat heel erg over identiteit: wie ben ik en waar kom ik vandaan? Het Jodendom speelt daarbij een grote rol. Dat vond ik ook verfrissend aan dit boek, dat je eens vanuit een Joodse beleving naar de wereld van nu kijkt.”
MUZIEK
“Ik luister altijd veel naar Tom Waits. Swordfishtrombones is mijn favoriete plaat. Nighthawks at the Diner is ook zo goed. Dat is bijna een muzikale cabaretvoorstelling. Hij vertelt te gekke verhalen, is poëtisch en geestig en het geheel is ook nog eens fucking muzikaal. Je hebt echt het idee dat je in zo’n oude jazzclub aan een tafel zit, met je neus erbovenop. Zijn latere werk vind ik wat ingewikkelder. Daarbij duurt het wat langer voor je doorhebt wat hij nu eigenlijk wil zeggen. Daniël Lohues luister ik ook geregeld. Dat is een van de grootste liedjesschrijvers van ons land. Begin maart komt zijn nieuwe album uit: Vlier. Zijn liedjes zijn heel minimalistisch. Zonder opsmuk. Hij kan heel goed tot de kern van een lied komen. Heeft een tekst alleen pianobegeleiding nodig? Dan neemt hij alleen een piano. Het schrijven is voor hem ook echt een ambacht. Zoals het hoort. Ik heb de neiging om te wachten op inspiratie, maar dat bestaat niet, inspiratie. Je moet gewoon gaan zitten en gaan schrijven. Hij werkt ook veel harder dan ik. Ik heb toevallig deze week een liedje geschreven en dan ben ik de rest van de week wel weer tevreden, en volgende week ook nog wel, maar Daniël schrijft de volgende dag gewoon weer een liedje, en de dag daarop ook. Daar heb ik heel veel bewondering voor.”
THEATER “De laatste voorstelling die ik zag was die van de jongens van Rundfunk: Wachstumsschmerzen. Het zat theatraal heel goed in elkaar: ze spelen weleens een scène met de vierde wand, zoals ze ook op televisie doen, maar het is wel altijd gerelateerd aan de publieksreactie. Hoe zou je kunnen omschrijven wat ze doen? Ze maken absurd toneelcabaret. Het is niet absurd in zijn scènes, maar wel absurd in zijn humor. Je ziet iets wat je herkent, maar wat er vervolgens gebeurt, is absurdistisch en ontregelend. Ze zijn ook niet bang om met grove grappen het publiek te choqueren, maar bij hen pakt dat goed uit. Ze schrikken het publiek daar niet mee af. Hans Teeuwen en Theo Maassen kunnen zich dat ook permitteren. Voor mij zijn dat de twee groten van onze generatie. Hans is iemand die heel duidelijk verlangt naar wat liefde en genegenheid. En dat zie je. Zijn eerste optredens waren echt overdonderend. Niet omdat hij zo grof was, maar omdat je een klein jongetje zag staan dat heel graag aardig gevonden wilde worden. Dat ontroert. Theo Maassen heeft dat ook. Hij is een jongen die zich oprecht afvraagt hoe de wereld in elkaar steekt. Natuurlijk mept hij af en toe flink om zich heen, maar ook bij hem ontdek je die diepere laag.
“Vroeger zaten de theaters altijd vol. Ook de mindere goden hadden altijd volle zalen. Nu staan er nog maar een paar boven aan de berg met volle zalen en de rest moet vechten om het publiek naar binnen te krijgen. Mensen geven hun geld namelijk maar één keer uit. En dat is ook logisch, maar dan gaan ze toch liever naar Jochem Myjer of Theo Maassen, omdat ze weten: daar krijg ik sowieso waar voor mijn geld. Sinds ik na Acda en De Munnik voor mezelf ben begonnen, merk ik dat ik het publiek weer bijna vanaf nul moet veroveren. Dat had ik ook wel verwacht, maar het is moeilijker dan ik had gedacht. Ik zal niet meer voor de echte topzalen spelen, in ieder geval de komende jaren niet. Carré zit er voor mij niet meer in. Dat hoort ook bij waar ik nu sta als maker en – heel eerlijk – ook aan het publiek dat ik op dit moment aan mij kan binden. En dat is ook niet erg. Dat komt wel weer. Ik speel nu liever voor wat minder mensen die speciaal voor de muziek komen dan voor wat meer mensen die alleen maar komen omdat ik het ben. Het is net als met een tuin: soms moet je eerst snoeien voor je iets weer kunt laten groeien. Dan is het eerst even kaal, maar uiteindelijk knapt de boom ervan op.”
Journalist en modedeskundige Cécile Narinx (47) sprak een audiotour in voor High Society, een portrettententoonstelling in het Rijksmuseum. Wat leest, kijkt en luistert zij in haar vrije tijd?
Uit HP/De Stijl, maart 2018. Het gehele interview leest u hier.
BOEKEN “Ik lees heel veel en wat ik lees gaat alle kanten op. Personal History van Katharine Graham vind ik een heel tof boek. Het is de veelbekroonde autobiografie van de eerste vrouwelijke krantenuitgever van de Verenigde Staten. Graham was ten tijde van het Watergateschandaal de uitgeefster van The Washington Post. Over die tijd gaat dat boek dan ook. Het is een heel persoonlijk verhaal dat tegelijkertijd ook heel journalistiek en politiek is ingestoken. Steven Spielberg verfilmde het onlangs als The Post, met Meryl Streep in de rol van Graham. Ik houd ook heel erg van de boeken van Ernest Hemingway. Hij is natuurlijk een enorme male chauvinist pig, hij gaat niet heel vriendelijk met vrouwen om, maar zijn vermogen om zich overal volledig in te gooien om alles tot in het diepst van zijn ziel te ervaren – oorlog, stierenvechten, liefde – vind ik fantastisch. A Moveable Feast, zijn memoires van zijn verblijf in Parijs, kan ik blijven lezen. Als ik daar ben, ga ik graag oesters eten bij La Closerie des Lilas met het idee: hier zat hij ook. De Napolitaanse romans van Elena Ferrante heb ik ook echt verslonden. Er wordt beweerd dat Domenico Starnone schuilgaat achter dit pseudoniem, maar ik geloof dat niet. Ik wil het ook niet geloven. De boeken van Ferrante zijn door een vrouw geschreven – dat kan niet anders. Ik heb laatst bijvoorbeeld Sweet Caress van William Boyd gelezen, dat ook vanuit een vrouwelijk perspectief wordt verteld, maar dat is niet zo overtuigend. Als mannen zich proberen te verplaatsen in een vrouw, dan lees je dat er altijd aan af.”
BEELDENDE KUNST
“In het Metropolitan in New York heb ik mij de benen uit het lijf gelopen voor Portrait of Madame X van John Singer Sargent, een portret van Virginie Amélie Avegno Gautreau, de Amerikaanse vrouw van de rijke Parijse bankier Pierre Gautreau. Ze had een vrij discutabele reputatie omdat ze er meerdere mannen op na zou houden en die mannen ook gebruikte om hogerop te komen. Op de tentoonstelling in het Rijksmuseum is trouwens een portret te zien van een van die vermeende minnaars, ook van Sargent: Dr. Pozzi at Home. De reden dat ik Madame X zo graag wilde zien is dat er ook een beetje modegeschiedenis aan vastzit. De jurk die ze op het schilderij draagt, is namelijk wereldberoemd. Het is een van de meest iconische zwarte jurken uit de geschiedenis, net als de little black dress van Chanel, de Givenchy van Audrey Hepburn uit Breakfast at Tiffany’s en die van Rita Hayworth uit Gilda. Saillant detail: de bandjes zijn er pas later bij geschilderd, omdat men de jurk zonder bandjes iets te wuft vond.”
MUZIEK “Ik koop eigenlijk nooit albums, maar deze week heb ik er toevallig een gekregen. Het is het album van Hans Jürgen, een geitenbreier met een witte snor die een fietsenstalling runt op het station van Utrecht. We raakten ooit eens in gesprek toen ik hem complimenteerde met de muziek die hij daar ’s avonds altijd op heeft staan, meestal Engelbert Humperdinck. Hij vroeg verrast: ‘Ach, kennen Sie ihn?’ Hij vertelde me dat hij droomt van een eigen zangcarrière. Hij zingt ook graag in de fietsenstalling, want daar is zo’n fantastische galm. Laatst heeft hij al zijn spaargeld bij elkaar gelegd, wat nummers opgenomen in een studio en in eigen beheer een cd uitgebracht. Het heet ook My favorite songs. Alle banden die hij voor weinig geld kon krijgen heeft hij daarvoor gebruikt. Quando, quando, quando – dat soort repertoire. Het is zo schattig. Zijn vriendin Marina, die hij heeft leren kennen op de platenbeurs in de Jaarbeurs in Utrecht, voor de platenbak van Engelbert Humperdinck, heeft voor de covertjes portretfoto’s geprint en in de hoesjes gestoken. Als ik hem in de fietsenstalling hoor zingen, moet ik altijd denken aan een les die mijn vader me eens heeft geleerd: ‘Wo man singt, da laß’ dich ruhig nieder: böse Menschen haben keine Lieder.’”
Don Diablo (38) heeft na tien jaar zijn tweede album uitgebracht: Future. Hij behoort tot de elf populairste deejays ter wereld, heeft overal uitverkochte zalen, maar erkenning voor zijn muziek krijgt hij nauwelijks in Nederland. ‘En dat is raar’, vindt hij zelf ook.
Verschenen in Playboy 04, 2018. Lees het gehele interview hier.
Q1. Waarom duurde het bijna tien jaar voor je met een tweede album kwam? Dat had meerdere redenen. Een daarvan was dat ik op zoek was naar een nieuwe sound, die ik met future house uiteindelijk ook heb gevonden. Een andere was dat ik meer draagvlak wilde creëren voor mijn muziek. Mijn muziek wordt namelijk niet heel veel gedraaid op de radio. Ik moest dus voor een grotere fanbase zorgen. De remixes die ik heb gemaakt voor onder andere Madonna, Rihanna en Ed Sheeran zorgden voor mijn internationale doorbraak. Vijf jaar geleden had ik nog 20.000 fans op Facebook, nu heb ik er drie miljoen. Dat maakt het een stuk makkelijker om een album met zestien nummers aan de man te brengen.
Q2. Jij staat aan de basis van de future house. Kun je uitleggen wat dat precies is?
Eigenlijk is dat vijf jaar geleden begonnen, op het moment dat ik mijn vader verloor. Vlak daarvoor had ik een gesprek met hem. Het werd me opeens duidelijk hoe kostbaar tijd is, hoe bijzonder het is dat je überhaupt een toekomst hebt. Ik dacht: vanaf nu ga ik in de toekomst leven. Mocht ik het niet redden, dan heb ik de toekomst in ieder geval al gezien. Je ziet het terug in m’n socials, in m’n kledinglijn, in m’n radioshow die wordt gecohost door een robot – alles speelt zich af in de toekomst. Maar ik had natuurlijk nooit verwacht dat het een golfbeweging zou worden die de wereld over is gegaan.
Q3. Je hebt jezelf al vaker opnieuw uitgevonden. Je was als puber een nerd, compleet met paardenstaart, maffe kleren en licht autistische trekjes, om met je eigen woorden te spreken. Hoe erg was het?
Ik was altijd die jongen die geen vrienden had, die nooit een vriendinnetje kon krijgen, die altijd als laatste werd gekozen tijdens gym. Op mijn vijftiende dacht ik: fuck it, ik hoef die persoon niet te zijn. Ik ging mezelf Don Diablo noemen, waardoor Don Pepijn Schipper uit Coevorden eigenlijk een soort Clark Kent werd, die overdag naar school ging en ’s nachts in zijn laboratorium zat te brouwen op allerlei ideeën om te ontsnappen aan de dagelijkse realiteit. Dat voel ik nog steeds zo: voordat ik het podium op stap doe ik mijn superhero-outfit aan en word Don Diablo.
Q4. Bestaat Don Pepijn Schipper dan eigenlijk nog wel?
Op een gegeven moment werden Don Pepijn Schipper en Don Diablo een en dezelfde persoon. Ik kan je niet vertellen waar het verschil zit. Ik ben nog steeds dat onzekere jongetje dat zich afvraagt wat zijn rol is op deze aardbol. Het enige wat ik kan doen om die innerlijke stemmen te onderdrukken is zeventien uur per dag, zeven dagen per week te werken. En om te proberen om iets te creëren dat verder gaat dan mijzelf. Een soort movement. Ik wil met alles wat ik doe iets creëren waar de outcast zich thuis bij voelt. Because there is no such thing as an outsider.
Q8. Heb je op dit moment een relatie? Nee. Natuurlijk zou ik wel een leuke vriendin willen hebben, maar het komt me nu ook wel goed uit dat ik vrijgezel ben. Sinds het is uitgegaan met mijn vriendin merk ik dat er iets van me is afgevallen. Ik kan nu full blazing iedere dag tot vier uur ’s nachts mijn eigen ding doen zonder dat ik daar verantwoording voor hoef af te leggen.
Q9. Heeft je werk een relatie weleens in de weg gestaan? Ik ben natuurlijk heel vaak van huis. Mijn ex-vriendin zei dan ook: je bent nooit thuis, en als je thuis bent zie ik alleen maar je rug, want dan zat ik in de studio. Ze heeft dat heel lang geaccepteerd en mij daarin heel lang gesteund, totdat ze zich realiseerde dat dit nooit zou veranderen.
Q17. Vind je dat je genoeg erkenning krijgt in Nederland? Ik word niet elke week overladen met prijzen in Nederland. En dat is raar, want ik sta toch in de top 300 van meest beluisterde artiesten wereldwijd op Spotify, wat niet veel Nederlandse artiesten me na kunnen zeggen. Ik weet niet hoe het komt dat ik hier blijkbaar niet zo opval. Volgens mij moet je zes miljoen streams hebben wil je een platina plaat krijgen. Ik heb op sommige platen vijftig miljoen streams, alleen hebben die streams niet allemaal plaatsgevonden in Nederland, waardoor ik hier geen gouden of platina plaat haal. Daardoor krijg je ook net niet die Popprijs, net niet die Edison, net niet de erkenning die andere artiesten hier wel krijgen. Maar ik ben voorbij het punt dat ik me daar druk om kan maken. Erkenning komt natuurlijk in vele vormen. Ik heb dan misschien geen volle prijzenkast, maar ik kan wel naar wereldsteden als Los Angeles en New York en daar grote concerten uitverkopen op mijn eigen naam.
Don Diablo (38) has released his second album after ten years: Future. He is one of the eleven most popular DJs in the world, has sold out venues everywhere, but he hardly gets any recognition for his music in the Netherlands. “And that’s weird,” he says.
Published in Playboy The Netherlands, april 2018. Automatically translated with Google Translate.
1. Why did it take almost ten years for you to release a second album?
That had several reasons. One was that I was looking for a new sound, which I eventually found with future house. Another was that I wanted to create more support for my music. My music is not played very much on the radio. So I had to provide a larger fan base. The remixes I made for Madonna, Rihanna and Ed Sheeran, among others, made my international breakthrough. Five years ago I still had 20,000 fans on Facebook, now I have three million. That makes it a lot easier to sell an album with sixteen songs.
2. You are at the basis of the future house. Can you explain what that is exactly?
That actually started five years ago, the moment I lost my father. Just before that I had a conversation with him. It suddenly became clear to me how precious time is, how special it is that you have a future at all. I thought: from now on I will live in the future. If I didn’t make it, then I have already seen the future. You see it reflected in my socials, in my clothing line, in my radio show that is being hosted by a robot – everything takes place in the future. But of course I never expected that it would become a wave movement that has traveled the world.
3. You have reinvented yourself before. As a teenager you were a nerd, complete with ponytail, silly clothes and slightly autistic traits, to speak with your own words. How bad was it?
I was always that boy who had no friends, who could never have a girlfriend, who was always chosen last in gym. At the age of 15 I thought: fuck it, I don’t have to be that person. I started calling myself Don Diablo, making Don Pepijn Schipper from Coevorden actually a kind of Clark Kent, who went to school during the day and spent the night brewing in his laboratory on all sorts of ideas to escape everyday reality. I still feel that way: before I step on stage I put on my superhero outfit and become Don Diablo.
4. Does Don Pepijn Schipper actually still exist?
At one point Don Pepijn Schipper and Don Diablo became one and the same person. I can’t tell you where the difference is. I am still that uncertain boy who wonders what his role is on this globe. The only thing I can do to suppress those inner voices is to work seventeen hours a day, seven days a week. And to try to create something that goes beyond myself. A kind of movement. With everything I do, I want to create something that the outcast feels comfortable with. Because there is no such thing as an outsider.
5. What are you most uncertain about at the moment?
Literally about everything. As soon as I leave the stage, after I have performed for 10,000 outrageous people, I immediately lock up and start doubting everything. After such a show, I should just go into a much too expensive hotel room with a bottle of champagne in the hot tub, but all I do is meditate and think: I should do this better next time. That uncertainty just remains.
6. Do you find yourself attractive?
Sometimes yes, sometimes no. I think that in essence everyone is attractive, provided you have the right light and the right angle. And being attractive is something other than being handsome. You have very superficial attractiveness, for example when you think that someone has a nice jaw line, but on the other hand it is also very attractive if someone is passionate about something. Appearance then has not much to do with it.
7. Does that also apply to women?
Yes! When I look at the women I have been in love with … Blond, red and black, big buttocks and thin buttocks, big and small breasts … I really am such a sucker who doesn’t fall for looks but for personality. I am always very attracted to women who have a dream and also do everything in their power to realize that dream. A relationship must be, above all, that you trust and love each other, that you stimulate each other in the pursuit of dreams. It can be very attractive if someone understands that.
8. Has your work ever stood in the way of a relationship?
Of course I am away from home a lot. My ex-girlfriend said: you are never at home, and when you are at home I only see your back, because then I was in the studio. She accepted that for a very long time and supported me in it for a long time, until she realized that this would never change.
9. Would you like to change that?
If you are so close to something big, as is now the case with me, then it is not the time to run slower. I have had so many people who have thwarted me, so many people who did not see anything in me and did not allow me success … Quitting was not an option. If I had done that I would have gone crazy for the rest of my life. I had to prove to myself that I was worth something. I used to look in the mirror and then I was just shocked. I was literally too uncertain to look at myself. Since I call myself Don Diablo that is over.
10. Are you currently in a relationship?
No. Of course I would like to have a nice girlfriend, but now it is also convenient that I am single. Since it went out with my girlfriend, I notice that something has fallen from me. I can now do my own thing full blazing up to four in the morning without having to account for it.
11. How much do you earn?
I swear on my mother: I have no idea how much is on my bill. And I don’t want to know either. Because so much goes out, there are so many costs. For example, I have just done a tour through America. All shows were sold out: 4,000 tickets here, 5,000 tickets there, and yet I hardly have anything left at the bottom. You travel with seventeen people, all of whom must have an airline ticket and a hotel room, equipment must be rented. That’s why I always tell my accountant: I don’t want to know how much I earn, I just want to know if I have enough money to pay my people. My goal is not to become the richest man in the cemetery, but to make beautiful things.
12. What do you spend a lot of money on?
I don’t think I’ve been on vacation for ten years, so that’s not it. In fact, I only spend a lot of money on my music. To equipment. I think on the computer next to you there is more than 100,000 euros in plug-ins. But I also spend a lot of money on the creativity around it. For example, I play a video clip for each single. That is actually too expensive, but I do it anyway.
13. You once wanted to go to the film academy. Would you like to make a movie in the future?
Yes. I have even set up a special film division within my company, for which four people have been working full-time for two years now on a futuristic epic that should become the most horrifying feature of all time. I don’t have a deadline for that, but suddenly it will be there once.
14. You have also been working on a documentary about yourself for seven years. Tell me?
Every deejay has its own documentary about itself, but as I watched more documentaries from colleagues, I started to realize how superfluous most documentaries are. I went back to the drawing table and am working on a film that should reflect my reality. It must be a combination between film and documentary. Donnie Darko meets Big Fish. It is not about my story, but about the things we all experience, and I want to show it as honestly as possible. My mother will soon be moving out of my parental home, so closing off your childhood will be an important theme. The deadline has been shifting for three years, but my goal is to finish it early next year.
15. When did you last cry?
That was in New York last week. It was after the last show of an incredibly heavy tour in which everything went wrong that could go wrong. At the end of that last show I played the song that I wrote for my father: The Artist Inside. I projected images of my father, of how he was, how I was, I saw myself as a boy and at the same time him as an old man and I didn’t like it anymore. Afterwards I sobbed into my manager Andrew’s arms. He said, “Your father saw it,” and then began to cry himself.
16. Your father was a big music fan. To what extent have you been influenced by music from your youth?
I think that is why I set the bar very high. I grew up with artists like Freddie Mercury, Prince and David Bowie. These are artists who can be far above my own, who are much more talented than me. I try to measure myself against that, but I shouldn’t do that, because that makes me think: who the fuck am I to make music? While what they do and what I do is of course totally incomparable.
17. Do you think you get enough recognition in the Netherlands?
I am not overloaded with prices in the Netherlands every week. And that is strange, because I am in the top 300 of most listened to artists worldwide on Spotify, which not many Dutch artists can say. I do not know why it is that I apparently do not stand out. I think you need six million streams to get a platinum record. I have fifty million streams on some plates, but not all of them have taken place in the Netherlands, which means I don’t get gold or platinum here. As a result, you just don’t get that Popprijs, just not that Edison, just not the recognition that other artists get here. But I am past the point that I can worry about that. Recognition naturally comes in many forms. I may not have a full prize cabinet, but I can go to world cities like Los Angeles and New York and sell out big concerts there in my own name.
18. Martin Garrix has been crowned the best DJ in the world for two years in a row. Rightly or not?
There is no one who is more popular than he is at the moment. You can tell that from everything: ticket sales, world hits… I could of course look at him with envy, were it not for me to see him as a friend and he is a boy with a golden heart. That makes it all a lot more bearable. And I now also have success. That also helps a lot. I know that many colleagues who did not have that feeling embittered. If you have big dreams and you get stuck in the middle bracket, then that can ultimately be a big nightmare.
19. What is the strangest request you have ever had from a woman?
A woman once asked me if I wanted to put a signature near her vagina. She then had them tattooed. Later she came to a show again, now with her boyfriend. I asked him, “Don’t you think that tattoo is weird on that place?” He answered: “No, I am also a big fan, so it is an honour to watch your autograph when I cum.” That was a rather strange incident.
20. Which song in the background would you like to die with?
Bluejeans & Moonbeams by Captain Beefheart – the stage name of Don Van Vliet, after whom I am named. That number immediately brings me back to my childhood, to my parents and brother. That is the beauty of music, that it goes so much further than just sound. It evokes memories that you will carry with you for the rest of your life. Fuck your money, fuck your fame, in the end you take nothing with you, except a few nice memories.
Dit jaar schrijft Griet Op de Beeck (44) het Boekenweekgeschenk. Wat leest, kijkt en luistert zij als ze niet zelf aan het schrijven is?
Interview uit het maartnummer van HP/De Tijd (2018)
BOEKEN “Op dit moment lees ik bijna uitsluitend het werk van Frans Kellendonk, want ik ben zowaar gevraagd om dit jaar de Frans Kellendonk-lezing te houden. Ik had weleens wat van hem gelezen, maar niet heel veel, ook omdat hij in België een veel minder bekend figuur is dan in Nederland. Ik ben begonnen met zijn verzamelde brieven. Ook al ben je in brieven onvermijdelijk toch altijd een beetje de sociaal wenselijke versie van jezelf – hoewel hij soms behoorlijk tekeergaat tegen andere mensen –, toch schetst het een mooi beeld van wie hij was, hoe hij dacht en geëvolueerd is. Het andere boek dat ik nu lees is Of heb ik het verzonnen? van Herman Koch en Wanda Reisel. Het nam me meteen mee, ik vond het nog fascinerender dan ik had gedacht. Herman en Wanda kennen elkaar al vanaf hun jeugd. Heerlijk dat twee schrijvers zo’n lange geschiedenis delen, dat ze aftasten hoe betrouwbaar herinneringen zijn, en hoe anders percepties van dezelfde gebeurtenissen. Ze schrijven over hun levens, de boeken die ze hebben gelezen en aan het schrijven zijn en het biedt een boeiende, intieme inkijk in hun hoofden. Herman is een goede vriend van mij en ik heb hem door dit boek nog wat beter leren kennen, dat is toch een mooie bonus.
“Van Philippe Claudel had ik alles gelezen, behalve Het kleine meisje van meneer Linh. Er is een theaterbewerking van gemaakt door Toneelhuis Antwerpen en ik dacht: voordat ik naar het theaterstuk ga, moet ik eigenlijk wel eerst het boek hebben gelezen. En het heeft me echt tot tranen toe geroerd. Dat gebeurt me bijna nooit. Meneer Linhs familie is in zijn thuisland vermoord, en hij is met zijn kleindochter, een baby nog, naar Europa gevlucht. Hij gaat kapot van eenzaamheid in een asielzoekerscentrum, tot hij ergens buiten op een bankje een man ontmoet. Ook al spreken ze elkaars taal niet, toch vinden die twee elkaar. Ik ga niet verklappen wat de link precies is, maar het is een prachtig portret van mensen die tegen alle verwachtingen in het verschil weten te maken in het leven van de ander. In een wereld waar zoveel mensen lijnrecht tegenover elkaar staan, gaat dit verhaal recht naar het hart.
“Een ander boek waar ik onlangs erg van onder de indruk was – nu lijk ik behept te zijn met de vluchtelingenproblematiek, maar daar wordt natuurlijk veel over geschreven nu – is Waarvan wij droomden van Julie Otsuka. Het is zo’n boek waarvan je denkt: het uitgangspunt is leuk, maar niet doenbaar. Het verhaal heeft namelijk geen hoofdpersoon. Het is helemaal geschreven in de wij-vorm. Het gaat over een groep Japanse vrouwen die in 1920 naar San Francisco werden verscheept om daar hun Amerikaanse man te ontmoeten, die hen op basis van een foto had uitgekozen – met alle gevolgen en teleurstellingen van dien. Prachtig geschreven, indrukwekkend relaas van wat mensen overkomt die op een bepaald moment door de plaatselijke bevolking niet meer getolereerd worden. Schrijnend portret dat verplichte lectuur zou moeten zijn voor alle jonge mensen, vind ik.”
Lezen doe ik wel als ik oud ben, denkt filmmaker Frans Weisz (79) nog steeds. Wat leest, kijkt en luistert de regisseur van Het leven is vurrukkulluk (première 25 januari) als hij niet met film bezig is?
BOEKEN “Op dit moment herlees ik Siegfried van Harry Mulisch, over de fictieve zoon van Adolf Hitler en Eva Braun, want ik hoop en bid dat dat mijn volgende film wordt. Het vreemde is dat ik het boek, toen het in 2001 verscheen, al na het eerste hoofdstuk heb weggelegd. Ik vond het allemaal ijdeltuiterij. Nu herlees ik het en vind ik het een prachtig boek. Harry Mulisch wordt beter naar mate hij langer dood is. Hij is als het ware vervaagd – en dat komt het boek in dit geval ten goede. De boeken die ik nu lees staan allemaal in dienst van deze film. Wat ik een heel fascinerend boek vind, is Hitler in Pasewalk – Die Hypnose und ihre Folgen van Bernhard Horstmann. Ken je het verhaal van Hitler die na de Eerste Wereldoorlog een shellshock had, waarvoor een psychiater hem met hypnose behandelde? Die arts beschrijft dat Adolf Hitler een stotterend en in zichzelf gekropen mannetje was, behalve als hij onder hypnose was. Dan viel de onzekerheid weg en praatte hij zonder haperingen. Op een dag bleef hij weg en kwam niet meer terug. Jaren later hoort die arts op de radio een stem en denkt: die stem herken ik!, maar slaat er verder geen acht op. Hitler was immers maar een paar keer geweest en had daarna niets meer van zich laten horen. Weer veel later ziet die arts in een nieuwsbulletin in de bioscoop van wie die stem is. Verrek, dat is hem, denkt hij, en hij is nog steeds onder hypnose! Vind je dat niet bizar?”
FILM “Ik ben een werkezel die hoopt dat hij op een dag een wonder zal meemaken en een film aflevert waar hij helemaal tevreden over is – maar de kans daarop is uitermate klein. Ik bid ook, voor de katholieke god en de joodse god, dat me dat een keer in de schoot wordt geworpen. Dat is tot nu toe nog niet gelukt. Dat is misschien ook wel goed, omdat ik blijf vechten om het te bereiken. Orson Welles zei eens dat de Oscar die hij als 26-jarige kreeg voor Citizen Kane het ergste was wat hem ooit was overkomen. Zijn hele leven werd hij met zijn eerste film geconfronteerd. Mike van Diem kreeg aan het begin van zijn carrière een Oscar voor Karakter. Dat lijkt mij verschrikkelijk voor hem. Fons Rademakers kreeg zijn Oscar gelukkig pas aan het eind van zijn carrière. Ik had destijds de filmrechten voor De aanslag ook kunnen krijgen, maar ik zei tegen de producent: ‘Ik wil De aanslag dolgraag maken, maar ik zie net zo lief iemand anders erover uitglijden.’ Een boek waarvan het tweede hoofdstuk begint met: ‘De rest is naspel.’ Wat moet je daar nu mee? Rademakers won er een Oscar mee, maar toch heb ik gelijk gekregen. Als die Oscar er niet was geweest, was het namelijk een middelmatige film geweest.”
“De laatste film die ik heb gezien is The Square van Ruben Östlund. Ik vond het prachtig, met name die scène waarin een man als een losgeslagen gorilla door een chique eetzaal banjert. Daar kan ik zo fucking jaloers op worden… Bij die scène moest ik trouwens meteen denken aan Donald Trump. Ik hoop nog steeds dat hij op 20 januari zegt: ‘Jongens, luister eens, ik ben nu een jaar president geweest, maar het was één grote grap. Ik heb het bewijs willen leveren dat elke gek met een beetje geld president kan worden van dit land. En dat is me gelukt.’ En ik zweer het je: hij krijgt alle eer die geen koning ooit heeft gehad. En als het geen grap blijkt te zijn, dan vind ik het heel erg dat zo iemand het zo ver schopt. Het kan niet waar zijn dat ik op dit moment Benito Mussolini en met enige argwaan zelfs Adolf Hitler nog boven Donald Trump zet, omdat ik hem echt niet meer kan volgen. Adolf Hitler heeft, en ik zeg dit weer met enige argwaan, nog wel iets van menselijke trekken. Die eiste bijvoorbeeld dat het gordijn dicht bleef als hij langs gebombardeerde steden reed. Donald Trump heeft niets menselijks. Ik kan het althans niet in hem ontdekken. Ik sta bijna te popelen om een film te maken waarin ik hem psychisch uitkleed. Een soort Siegfried, maar dan over hem.”
Interview met Géza Weisz voor Playboy. (Januari 2017)
Deze maand schittert hij in de bioscoopfilm Het leven is verrukkulluk, geregisseerd door zijn vader. ‘Ik maak me geen illusies: ik had deze rol niet gekregen als hij niet de regisseur was geweest.’
1 Je speelt een van de hoofdrollen in Het leven is vurrukkulluk – de film naar het gelijknamige boek van Remco Campert. Hoe was het om zo intensief samen te werken met je vader (regisseur Frans Weisz, red.)?
Het is oprecht de beste ervaring uit mijn leven. Ik heb wel vaker meegespeeld in films van hem, maar dat waren altijd maar een paar draaidagen, nooit een hoofdrol. Deze keer was echt voor het eerst dat hij mijn regisseur was in plaats van mijn vader. En dat is even wennen. In general is het zo dat je als acteur naar de regisseur luistert en dat was in dit geval niet anders, al durf je misschien wel wat meer tegen hem te zeggen omdat het je vader is.
2 Zou je de rol ook hebben gekregen als je vader niet de regisseur was geweest?
Ik maak me geen illusies: ik had deze rol niet gekregen als de regisseur niet mijn vader was geweest. Ik ben niet de meest voor de hand liggende acteur om die rol te spelen. Daar kun je gewoon eerlijk over zijn. Als je naar m’n cv kijkt… Maar ik ben wel heel blij mee met deze rol. Ik heb ook niet het gevoel dat ik de keuze van mijn vader hoef te rechtvaardigen – al heeft hij dat zelf wel een beetje. Sommige mensen zullen er de poëzie van inzien, dat vader en zoon samen aan een film werken, en dat die zoon dan ook nog eens is vernoemd naar de vader van zijn vader, een acteur uit Berlijn die de oorlog niet heeft overleefd… En een ander zegt dat een andere acteur veel geschikter zou zijn voor de rol. Wat je als regisseur ook besluit, het heeft geen zin om dat met woorden te verdedigen. You can’t have them all. Je moet gewoon zorgen dat de film goed is. En ik vind hem erg goed geworden.
We vroegen chef-kok Ron Blaauw waarmee een middelmatig kokende man een vrouw kan verleiden
Lees ook:
We vroegen chef-kok Ron Blaauw waarmee een middelmatig kokende man een vrouw kan verleiden
Wanneer is de culinaire honger van Ron Blaauw eindelijk gestild? Het is een vraag waar hij zelf ook geen antwoord op heeft. Want voorlopig dijt het horeca-imperium van de hotste …
3 Het leven is vurrukkulluk gaat over twee jongens die verliefd worden op hetzelfde meisje. Is jou dat weleens overkomen?
Ja, best wel met enige regelmaat. Ik heb een soort Napoleoncomplex: ik wil zoveel mogelijk vrouwen veroveren. Als ik een vrouw zie van wie m’n vrienden ook ondersteboven zijn, dan voel ik toch een soort competitiegevoel. Ik gun mijn vrienden echt alles, maar als zij ook verliefd zijn op dat meisje, dan wil ik haar toch voor me winnen. Ik ben ook weleens verliefd geworden op een bezet meisje, maar dat vond ik helemaal niet prettig. Ik heb het zelf een keer meegemaakt om belazerd te worden en dat deed zo’n pijn dat ik zelf nooit die guy wil zijn.
4 Waar ben je het meest onzeker over?
(Na een lange stilte:) Moeilijk. Ik heb natuurlijk een soort bewijsdrang. Als je kijkt naar het werk wat ik doe, dan is het altijd: ‘Kijk mij eens.’ Ik heb een soort drive om gezien te worden. Maar waar dat vandaan komt weet ik niet. Ik ben nergens onzeker over. Mijn lengte werkt natuurlijk niet in mijn voordeel bij het veroveren van een vrouw, maar daar kan ik niets aan doen. Dat hoort bij mij. Misschien gaat die drive wel verder dan onzekerheid. Mijn opa is in de oorlog letterlijk onzichtbaar gemaakt door de Duitsers. Mijn vader heeft geen fysieke herinneringen aan hem. Misschien is de drive van mijn vader en mij wel om niet ook onzichtbaar te worden. Om ons bestaan te bevestigen, zo van: ‘Kijk, hier ben ik.’
5 Wat vind je aantrekkelijk aan een vrouw?
Heel cliché: de ogen. En ik ben ook wel een walgelijke, oppervlakkige loser die heel vatbaar is voor mooie vrouwen. Ik word vaak op slag verliefd en ga dan allemaal eigenschappen op haar projecteren die ze helemaal niet heeft. Het is vaak een blik waarna ik denk: jou wil ik.
15 Je hebt een jaar lang gewerkt bij Kemna Casting – het bureau dat in opspraak is geraakt omdat castingdirecteur Job Gosschalk werd beschuldigd van seksueel grensoverschrijdend gedrag jegens acteurs en dat ook bekende. Heb jij daar ooit iets van gemerkt?
Lees het antwoord op deze vraag en de rest van het interview in de Playboy die nu in de winkel ligt of op Blendle!
Presentatrice Daphne Bunskoek ontvangt op dinsdag 9 januari onder meer misdaadjournalist Kees van der Spek over een nieuw seizoen ‘Moord of Zeldmoord’. Nick Muller en Aisha Scheuer verzamelden grappige tweets in het boek Dit is Waarom Mensen Op Twitter Zitten. Ook zij schuiven aan.
Als rechtgeaard filmliefhebber zag ik dit jaar zo’n honderd films. Van The Last Laugh uit 1924 tot The Square uit 2017 – en van alles daar tussenin. Net als vorig jaar maakte ik ook dit jaar een lijst met films die de moeite waard zijn.
Nadat ze haar maagdelijkheid heeft verloren, lijkt het de zeventienjarige Isabelle (Marine Vacth) uit Parijs wel een spannend idee om als escort aan de slag te gaan. Ze liegt over haar leeftijd en gaat voor driehonderd euro per keer naar bed met gegoede oudere heren. Waarom ze de prostitutie in gaat wordt niet helemaal duidelijk. Het lijkt erop dat ze dat uit verveling doet. De karakters zijn naar mijn smaak iets te weinig uitgediept en het verhaal mist ook realiteitszin: dit is wel een héél romantisch beeld van het leven als escort. Desalniettemin een goede film die een vreemd soort ongemak oproept.
Tijdens de Eerste Burgeroorlog in Libanon (1982) krijgt een stel jonge soldaten de opdracht om in een tank naar een vijandig buurdorp te rijden. Alleen blijken er meer obstakels op hun pad te komen dan ze vooraf hadden verwacht. De hele film is – op drie scènes na – vanuit de tank gefilmd. Regisseur Samuel Maoz, die zijn ervaringen in de burgeroorlog gebruikte voor deze film, laat de oorlog van binnenuit zien. Net als bij Son of Saul zit je letterlijk op de huid van de hoofdrolspelers. En dat is op meerdere vlakken heel beklemmend.
38. After Hours (1985)
Regie: Martin Scorsese
Met: Griffin Dunne, Rosanna Arquette, Verna Bloom e.a.
De saaie ICT’er Paul Hackett (Griffin Dunne) beleeft de ergste nacht van zijn leven. Als hij op weg is naar een date met de wonderschone Marcy, een rol van Rosanna Arquette, waait zijn geld uit het raampje van de taxi. Vanaf daar gaat alles mis. Hij brengt de nacht noodgedwongen door in de straten van Soho. Daar ontmoet hij vreemde figuren en belandt hij in hachelijke situaties. Aan het eind van de nacht smeekt hij gebroken: ‘I just want to go home.’ Een van de betere donkere komedies van Martin Scorsese.
37. Paterson (2016)
Regie: Jim Jarmusch
Met: Adam Driver, Golshifteh Farahani, Nellie e.a.
“I’d rather make a film about a guy walking his dog than the Emperor of China”, zei regisseur Jim Jarmusch eens. Paterson is een ode aan het burgerlijk bestaan. Het schetst een week uit het overzichtelijke leven van buschauffeur Paterson (Adam Driver) uit Paterson – omen est nomen – in al zijn eentonigheid. Er gebeurt werkelijk niets. En juist dat is de charme van deze film: ook over een doorsnee man kun je blijkbaar een boeiende film maken. De film is trouwens doorspekt van poëzie. Een van de gedichten die wordt voorgedragen is deze. Ik heb hem opgeschreven zodat ik hem niet vergeet.
Water falls from the bright air
It falls like hair
Falling across a young girl’s shoulders
Water falls
Making pools in the asfalt
Dirty mirrors with clouds and buildings inside
It falls on the roof of my house
Falls on my mother and on my hair
Most people call it rain
36. The Last Laugh (1924)
Regie: F.W. Murnau Met: Emil Jannings, Maly Delschaft, Max Hiller e.a.
Iemand, ik weet niet meer wie, schreef eens dat Der letzte Mann van F.W. Murnau de Citizen Kane van zijn tijd is. Dat kwam onder meer door het magnifieke camerawerk. Voor het eerst werden er namelijk lange shots gemaakt met een bewegende camera zonder dat het schokkerige beelden gaf. Wie met eenentwintigste-eeuwse ogen naar deze film kijkt ziet deze revolutionaire techniek misschien niet meer. Wat je wel ziet, is een prachtig verhaal over een gerespecteerde portier (Emil Jannings) die zijn baan bij een prestigieus hotel verliest en een functie als toiletmeester krijgt toebedeeld. Bij zijn buren probeert hij de schijn hoog te houden door nog steeds in zijn portierskostuum naar zijn werk te gaan, maar uiteindelijk moet hij zijn ego opzij zetten en zich berusten in zijn lot.
35. Wild Strawberries (1957)
Regie: Ingmar Bergman
Met: Victor Sjöström, Bibi Andersson, Ingrid Thulin e.a.
Mooier dan de achterkant van de dvd-hoes kan ik dit meesterwerk van Ingmar Bergman niet omschrijven: “Traveling to accept an honorary degree, Professor Isak Borg—masterfully played by veteran director Victor Sjöström—is forced to face his past, come to terms with his faults, and make peace with the inevitability of his approaching death. Through flashbacks and fantasies, dreams and nightmares, Wild Strawberries dramatizes one man’s remarkable voyage of self-discovery. This richly humane masterpiece, full of iconic imagery, is a treasure from the golden age of art-house cinema and one of the films that catapulted Ingmar Bergman to international acclaim.”
34. The Selfish Giant (2013)
Regie: Clio Barnard
Met: Conner Chapman, Shaun Thomas, Sean Gilder e.a.
Ik heb altijd een haat-liefdeverhouding met kindacteurs gehad, maar na Stranger Things en The Selfish Giant is dat veranderd. Wat een klasse. De camera lijkt voor deze kinderen niet te bestaan. In The Selfish Giant spelen Conner Chapman (1998) en Shaun Thomas (1997) twee kinderen uit Bradford – een plaatsje tussen Manchester en Leeds – die beiden opgroeien in een arm gezin. Het is in de periode net na de economische crisis. Om toch aan wat geld te komen, ontdekken ze dat ze voor betrekkelijk veel geld oud ijzer kunnen verhandelen aan een ijzerboer. Eerst gaat dat nog op een legale wijze, maar later gaan ze onder meer koperen bedrading jatten, met alle gevolgen van dien. Zonder al teveel over het plot te willen verklappen: het is een van de mooiste films over vriendschap die ik ooit heb gezien.
33. A Hard Day’s Night (1964) Regie: Richard Lester Met: Paul McCartney, John Lennon, Ringo Starr e.a.
Een film over en met The Beatles. Meer hoef ik niet te zeggen.
32. Playtime (1967) Regie: Jacques Tati Met: Jacques Tati, Barbara Dennek, Rita Maiden e.a.
Via VPRO Cinema: “In dit meesterwerk binnen zijn bescheiden oeuvre (hij maakte vijf bioscoopfilms) belicht Jacques Tati (1909-1982) met grote vrolijkheid de keerzijde van moderne technologie. Zijn vaste personage Monsieur Hulot (hoedje, pijp, iets te korte broek) raakt verstrikt in het Parijs van de jaren zestig, waar grootse glimmende gebouwen, drukte en nieuwe snufjes het leven ingewikkeld en anoniem maken. Prachtige beeldgrappen werden met immense nauwkeurigheid van de meester in scène gezet en blíjven leuk. De productie, die jaren duurde en waarvoor Tati een stukje stad (‘Tativille’) nabouwde, betekende het faillissement van de regisseur toen de film flopte. Inmiddels staat Playtime steevast op menig klassiekerslijstje.”
31. Total Recall (1990) Regie: Paul Verhoeven Met: Arnold Schwarzenegger, Sharon Stone, Michael Ironside e.a.
Het is 2084. De fabrieksarbeider Douglas Quaid (Arnold Schwarzenegger) wil een reis maken naar Mars. Omdat hij dit niet kan betalen laat hij een virtuele vakantie implanteren in zijn hersenen. Bij de operatie gaat het echter helemaal mis: opeens herinnert hij zich dat hij vroeger geheim agent is geweest en dat ze zijn geheugen gewist hebben. Hij besluit daarop naar Mars af te reizen om zijn missie af te maken en de rebellen aldaar te helpen. De film laat in het midden of dit echt gebeurt of dat het een onderdeel van zijn virtuele reis is. Een van de betere films van regisseur Paul Verhoeven, ’s lands trots in Hollywood.
30. Boven is het stil (2013) Regie: Nanouk Leopold Met: Jeroen Willems, Henri Garcin, Wim Opbrouck e.a.
Film over de vijftigjarige Helmer (de eerste en laatste filmrol van Jeroen Willems, die kort na de opnamen onverwacht overleed) die met zijn stervende vader (Henri Garcin) op een boerderij woont. De relatie tussen vader en zoon verloopt moeizaam. Helmer werd door hem altijd gezien als de mindere variant van zijn overleden tweelingbroer die de boerderij eigenlijk zou overnemen. Daarnaast worstelt de zoon met zijn geaardheid. Hij is graag in de buurt van de melkboer en later van zijn knecht, maar zijn gevoelens durft hij niet uit te spreken. In de film wordt sowieso niet veel gesproken: in de anderhalf uur dat de hoofdpersoon in beeld is, heeft hij slechts vijf minuten tekst. De rest wordt door de beelden ingevuld.
Coming-of-age-verhaal van Chiron, een jonge Afro-Amerikaan die opgroeit in een getto in Miami. De film is verdeeld in drie hoofdstukken: van zijn jeugd bij zijn aan drugs verslaafde moeder, zijn tienerjaren als onzekere jongen die worstelt met zijn geaardheid tot zijn laatste jaren als twintiger. Een van de mooiste momenten zit aan het eind van de film, als Chiron (dan gespeeld door Trevante Rhodes) de jongen met wie hij op de middelbare school zijn eerste vrijpartij heeft gehad (op het strand) weer ontmoet. Hij bekend dat hij sindsdien nooit meer door een ander is aangeraakt – zijn geaardheid is namelijk een groot taboe in de harde wereld waarin hij leeft. De jongen antwoordt dat zijn leven ook niet is gelopen zoals hij had gewild en ze troosten elkaar. De film eindigt met de jonge Chiron die op het strand naar de horizon kijkt.
Ontroerende short van Michael Dudok de Wit die in zijn geheel op Youtube te zien is. Het gaat over een vader die afscheid neemt van zijn dochter. Ze fietst de wijde wereld in, maar keert telkens terug naar de plaats waar ze haar vader voor het laatst zag in de hoop hem weer te zien. Maar hij is er niet meer.
27. Un chien andalou (1929) Regie: Luis Buñuel Met: Pierre Batcheff, Simone Mareuil, Luis Buñuel e.a.
Korte surrealistische film van Luis Buñuel en Salvador Dali uit 1929. Het is niet mogelijk om te zeggen waar de film precies over gaat omdat elke vorm van logica in het verhaal ontbreekt. Buñuel en Dali bundelden twee dromen die ze afzonderlijk van elkaar hadden (waaruit respectievelijk de beroemde scène waarin een scheermes een oogbal doormidden snijdt en de scène waarin mieren over een hand lopen zijn voortgekomen) en plakten die met nog wat losstaande scènes aan elkaar. Voor de première van de film had Buñuel voor de zekerheid wat stenen in zijn zak gestopt, zodat hij zichzelf daarmee kon verweren als het publiek hem uit walging van wat ze zojuist gezien hadden naar de strot zou vliegen.
Ik kwam deze film op het spoor na een gesprek met de Filosoof des Vaderlands Marli Huijer. Over het verhaal van de film zei ze: “Laurence is een getrouwde man die besluit als vrouw door het leven te gaan, maar wil tegelijkertijd ook de echtgenoot van zijn vrouw blijven. En die vrouw wil dat niet. Die wil gewoon een man. Maar hij blijft van haar houden en kan haar maar niet loslaten. Wat je dus ziet is dat hij vanuit zijn westerse autonomie een nieuwe identiteit aan wil nemen, zonder daarbij rekening te houden met wat zijn omgeving daarvan vindt. Aan de andere kant verwacht hij wel dat die omgeving zonder horten en stoten meegaat in die keuze. En dan zie je dus een enorm conflict ontstaan.”
25. Wind River (2017) Regie: Taylor Sheridan Met: Kelsey Asbille, Jeremy Renner, Julia Jones e.a.
Een misdaadthriller met maatschappijkritiek? Het bestaat. Wind River sluit af met de mededeling: “Als er een inheems-Amerikaanse vrouw verdwijnt, wordt dat niet geregistreerd.” Met die inheems-Amerikaanse vrouw worden de indianen bedoeld die in het indianenreservaat Wind River in Wyoming wonen. De hoofdpersoon is de jachtopziener Cory Lambert (Jeremy Renner) die op een dag het bevroren lijk van een tienermeisje vindt. Samen met FBI-agente Jane Banner (Elisabeth Olsen) op zoek gaat naar de moordenaar. Het is het slotstuk in een trilogie met Sicario (2015) en Hell or High Water (2016) – drie films van regisseur Taylor Sheridan die zich afspelen aan de rafelranden van de maatschappij.
“Heeft mijn leven wel zin gehad?” Als gemeente-ambtenaar Kanji Watanabe (Takashi Shimura)erachter komt dat hij maagkanker heeft en nog hooguit een jaar leeft, gaat hij op zoek naar betekenis in zijn verder zo betekenisloze leven. Want wat heeft hij bereikt? Hij heeft dertig jaar op dezelfde afdeling gewerkt en is nooit een dag ziek geweest. Veel verder dan dat komt hij niet. Om zijn onbehagen met zichzelf te doen verdwijnen gaat hij met de horizon in zicht eindelijk iets doen waarmee hij wél betekenis geeft aan zijn leven – tot grote verrassing van zijn collega’s.
23. Zelig (1983) Regie: Woody Allen Met: Woody Allen, Mia Farrow, Patrick Horgan e.a.
Geweldige ‘mockumentary’ van Woody Allen. Leonard Zelig (Woody Allen) wil door iedereen aardig gevonden worden en bereikt dat door zich als een kameleon aan te passen aan zijn omgeving. Om een voorbeeld te noemen: als hij met een rabbijn praat, verandert hij langzamerhand zélf in een rabbijn – inclusief pijpenkrullen en baard. Uiteindelijk wisselt hij zo vaak van personage dat hij instort. Dr. Eudora Fletcher (Mia Farrow) probeert hem te helpen om zelf iemand te worden – maar of dat lukt laat ik nog even in het midden.
22. Breakfast at Tiffany’s (1961) Regie: Blake Edwards Met: Audrey Hepburn, George Peppard, Patricia Neal e.a.
Een absolute klassieker. De schrijver Paul Varjak (George Peppard) komt in New York naast de elegante socialite Holly Golightly(Audrey Hepburn) wonen. Hij is meteen geïntrigeerd door haar: in het publieke leven is ze de sexy vrouw die iedereen het hoofd op hol brengt, maar als ze alleen is verandert ze in een neurotisch wrak die aan alles twijfelt. De interesse is overigens wederzijds – maar kan Paul haar bieden wat ze verlangt? Audrey Hepburn, die pas drie maanden voordat ze begon met filmen was bevallen van een zoon, vond dat ze verkeerd was gecast voor de rol, maar uiteindelijk werd het haar meest bejubelde acteerprestatie in een film. Het scenario is gebaseerd op de gelijknamige novelle van Truman Capote.
21. The Red Turtle (2016) Regie: Michael Dudok de Wit Met: Emmanuel Garijo, Tom Hudson, Baptiste Goy e.a.
Wederom een animatiefilm van Michael Dudok de Wit die me bij de strot greep. Een man lijdt schipbreuk en spoelt aan op een onbewoond eiland. Hij probeert van het eiland te ontsnappen door vlotten te bouwen, maar een gigantische rode schildpad maakt hem dat onmogelijk. Dudok de Wit werkte tien jaar aan deze film. Met een team van soms wel vijftig illustratoren probeerde hij elke dag drie seconden film af te krijgen. Dat lijkt weinig, maar de film werd beeldje voor beeldje getekend, waardoor er in totaal zo’n honderdduizend tekeningen gemaakt moesten worden om de tachtig minuten durende animatiefilm te verwezenlijken.
20. Monsieur Verdoux (1947)
Regie: Charles Chaplin
Met: Charles Chaplin, Mady Correll, Allison Roddan e.a.
‘Under the proper circumstances,’ zei Charlie Chaplin eens, ‘murder can be comic.’ Monsieur Verdoux (Charlie Chaplin) is een charmante seriemoordenaar die, onder diverse schuilnamen, dames op leeftijd het hof maakt en ze vervolgens vermoord – om er daarna met de erfenis vandoor te gaan. Het idee voor de film kwam van Orson Welles, die het verhaal losjes baseerde op het verhaal van seriemoordenaar Henri-Désiré Landru. Anders dan in Henry: Portrait of a Serial Killer (verderop in deze lijst) krijg je bij deze film wel een zekere sympathie voor de protagonist. Hoewel de film onder critici niet bijzonder hoog wordt geacht, noemde Chaplin hem zelf eens ‘the cleverest and most brilliant film of my career.’
19. Match Point (2005)
Regie: Woody Allen
Met: Scarlett Johansson, Jonathan Rhys Meyers, Emily Mortimer e.a.
Ik kwam deze film wederom op het spoor door VPRO Cinema. De wervende tekst op de website luidt: “Chris, een arme, ambitieuze Ier, probeert zich op te werken in de Londense jetset. Hij leest Dostojevski’s Misdaad en Straf met een twee keer zo dikke tekstverklaring ernaast, bezoekt zoveel mogelijk opera’s en frequenteert het Tate Modern. Maar als de voorkomende jongeman heeft wat hij altijd wilde – een lieve vrouw met een steenrijke vader; een topbaan, een auto met chauffeur; een kast van een huis dat uitkijkt over de Theems – zet hij alles op het spel voor de sensuele Amerikaanse vriendin van zijn zwager. Met zijn Britse tragedie overtreft Woody Allen zijn Amerikaanse komedies ruim.”
18. Dunkirk (2017)
Regie: Christopher Nolan Met: Fionn Whitehead, Barry Keoghan, Mark Rylance e.a.
Voor heel even lag Duinkerken in Nederland: het grootste gedeelte van de filmopnamen vond namelijk plaats op Urk. Christopher Nolan laat met Dunkirk een heel andere kant van de oorlog zien: geen spannende actiefilm over oorlogshelden, maar een tragisch relaas over het overlevingsmechanisme van een soldaat die door de vijand van alle kanten wordt geattaqueerd. De Volkskrant schreef: “Wellicht is dit de grote verdienste van Christopher Nolan: die laat zijn kijker zoveel mogelijk zintuiglijk ervaren hoe futiel het leven van een enkele soldaat is. Hoe eenzaam die geknakte Britse soldaten waren, ook binnen de groep. Terend op het ieder-voor-zich overlevingsinstinct, dat botst met de onverschillige orde van het militaire korset. Dialoog is daarvoor nauwelijks nodig – wat viel er ook te zeggen?”
17. Jackie (2016)
Regie: Pablo Larrain Met: Natalie Portman, Peter Sarsgaard, Greta Gerwig e.a.
Prachtige film over Jackie Kennedy in de periode rond de moord op haar man John F. Kennedy. Een van de meest indringende scènes is de moord op haar man, die in geen enkele andere film zo levensecht is nagespeeld. Het verhaal is bekend: terwijl ze in de auto naast hem zit en naar een joelende menigte wuift wordt hij beschoten. Met de eerste kogel wordt hij in zijn hals geraakt, een tweede kogel doorboort zijn hoofd. Stukjes schedel en hersenen vallen in haar schoot. Het is ongelooflijk hoe zij zich door deze periode heeft heen geslagen. Hoe ze zich ondanks dat trauma vrijwel meteen wist te herpakken om de uitvaart en de nalatenschap van haar geliefde man in goede banen te leiden en veilig te stellen. Natalie Portman was niet voor niets genomineerd voor een Oscar voor Beste Actrice.
In eerste instantie had ik geen hoge verwachtingen van deze film, maar uiteindelijk heeft hij er wel voor gezorgd dat ik veel minder vlees eet dan ik eerst deed. Ook dat kan een film bewerkstelligen. Okja gaat over een genetisch gemanipuleerd supervarken dat in een fabriek is ontwikkeld. Ze belandt op de boerderij van Mija (Seo-Hyun Ahn) en haar opa – ergens op een berg in Zuid-Korea. Het meisje en het varken worden beste vrienden. Na tien jaar komt een excentrieke vertegenwoordiger van het bedrijf (een geweldige rol van Jake Gyllenhaal) langs om Okja op te halen. Hij wil haar in New York aan de wereld laten zien én laten proeven. Zonder al teveel te willen verklappen kan ik zeggen dat Okja bepaald geen kinderfilm is. Alle gruwelijkheden van de bio-industrie komen aan bod. Het enkeltje slachthuis in een benauwde vrachtwagen, de elektrische prikkers waarmee de dieren de dood in worden gejaagd, de kille elektrocuteermachine waarmee ze worden vermoord – alles is heel dicht bij de waarheid gebleven. De grote kracht van deze film is dat het empathie wekt voor de dieren die op ons bord belanden. Want ook je karbonade had een naam.
15. Ladri di biciclette (1948) Regie: Vittorio De Sica Met: Lamberto Maggiorani, Enzo Staiola, Lianella Carell e.a.
In het na-oorlogse Rome vindt een werkloze man (Lamberto Maggiorani) eindelijk een baan: hij moet posters ophangen in de stad. Op zijn eerste werkdag wordt zijn fiets gestolen. Samen met zijn achtjarige zoon (Enzo Staiola) gaat hij op zoek naar de dief van zijn fiets en vindt deze ook. Maar of hij zijn fiets terugkrijgt… VPRO Cinema schrijft over deze film: “Hoogtepunt in het Italiaanse neo-realisme, een stroming waarin de filmers gebruik maakten van bestaande locaties en niet-professionele acteurs om hun verhalen over de straatarme arbeidersklasse te vertellen. Door critici vaak genoemd als een van de beste films aller tijden.”
14. Hell or High Water (2016) Regie: David Mackenzie Met: Chris Pine, Ben Foster, Jeff Bridges e.a.
Hierboven noemde ik al even Wind River, het derde deel van de trilogie van scenarioschrijver Taylor Sheridan over mensen die aan de randen van de maatschappij leven. Hell or High Water is het tweede deel in deze serie. Een alleenstaande vader en zijn oudere broer, een ex-militair die net uit de gevangenis is, ondernemen een wanhopige poging om de ranch van hun overleden ouders te redden. Ze beroven banken om aan geld te komen voor de schulden die op het huis rusten. Twee agenten hebben de snode plannen van de broers echter door en proberen ze bij hun laatste overval een stap voor te zijn. Hell or High Water is een film die je niet mag missen. Alles klopt en je zit tot het eind van de film op het puntje van je stoel.
13. La La Land (2016) Regie: Damien Chazelle Met: Ryan Gosling, Emma Stone, Rosemarie DeWitt e.a.
Mia (Emma Stone) en Sebastian (Ryan Gosling) proberen het allebei te maken in Hollywood. Zij als actrice, hij als jazzpianist. Ze komen elkaar tegen, de vonk slaat over, maar dan moeten ze kiezen: gaan ze voor de liefde of voor het grote succes? De ouderwets ogende musicalfilm is een fabelachtige ode aan klassiekers als Singin’ in the rain. Hoewel ik helemaal niet van dit genre houd, heeft deze film blijvende indruk op me gemaakt. Voor heel even vergeet je alle misère om je heen en wordt je meegezogen in dit klassieke liefdesverhaal. Het nummer City of stars wordt wat mij betreft net zo’n klassieker als de titelsong van de hierboven genoemde musicalfilm uit de jaren vijftig.
12. Kramer vs. Kramer (1979)
Regie: Robert Benton
Met: Dustin Hoffman, Meryl Streep, Jane Alexander e.a.
Ted (Dustin Hoffman) en Joanna (Meryl Streep) gaan uit elkaar. Het wordt, zoals we dat nu noemen, een vechtscheiding. Het enige zoontje van het stel wordt een speelbal in het geharrewar rondom de scheiding. In eerste instantie blijft Billy bij zijn vader, die nauwelijks weet hoe hij een ei moet koken – zo erg is hij altijd op het werk gefocust geweest. In de rechtszaal probeert Joanna haar zoon bij haar te krijgen. Ze wint de zaak, maar dan krijgt het verhaal een plotselinge wending. Saillant detail: ten tijde wat het draaien van de film zat Dustin Hoffman zelf middenin een scheiding.
11. Turist (2014) Regie: Ruben Östlund Met: Johannes Kuhnke, Lisa Loven Kongsli, Clara Wettergren e.a.
De eerste film van de Zweedse regisseur Ruben Östlund (o.a. The Square, zie verderop in deze lijst) die ik zag en meteen was ik verkocht. Wanneer een gezin op skivakantie wordt overvallen door een lawine verandert alles. Het gezin zit rustig te ontbijten op een terras als er plotseling een hele berg sneeuw naar beneden komt. De vader vlucht uit een reflex naar binnen, zijn vrouw en twee kinderen achterlatend op het terras. De lawine mist de hooggelegen patio, maar het vertrouwen in de vader heeft een fikse deuk opgelopen, zeker als hij later ontkent dat hij het gezin heeft verlaten. Twee uur heerlijk ongemak.
10. Midnight Cowboy (1969) Regie: John Schlesinger Met: Dustin Hoffman, Jon Voight, Sylvia Miles e.a.
Henry: Portrait of a Serial Killer is gebaseerd op het levensverhaal van Henry Lee Lucas, die als seriemoordenaar lange tijd ongestraft zijn gang kon gaan omdat hij steeds van locatie en van strategie veranderde en daardoor niet kon worden opgepakt. Volgens sommige bronnen zou hij drieduizend moorden hebben gepleegd. Rotten Tomatoesschrijft over de film: “Many of these murders rank among the most brutal ever portrayed on film. The violence and the clinical, detached portrayal of Henry and his horrifying actions make Henry: Portrait of a Serial Killer a disturbing, thought-provoking film, but it certainly isn’t one for every taste.”
08. Tonio (2016)
Regie: Paula van der Oest
Met: Pierre Bokma, Rifka Lodeizen, Chris Peters e.a.
Een boekverfilming is altijd tricky. Soms gaat het goed, maar veel vaker gaat het mis. Neem de recente verfilmingen van Het Diner, die door schrijver Herman Koch alle drie als een gedrocht werden bestempeld. Bij een uiterst persoonlijk verhaal als Tonio – de requiemroman van A.F.Th. van der Heijden over zijn verongelukte zoon Tonio – is het helemaal spannend of een verhaal op het doek wel goed uit de verf komt. Gelukkig is de regisseur (Paula van der Oest) daar met verve in geslaagd. Ik ken geen enkele film waar het verdriet van de overgebleven ouders zo indringend in beeld wordt gebracht als in deze verfilming. Ze worden bijna suïcidaal: ze nemen ongelooflijke hoeveelheden alcoholica tot zich en verdrinken bijna letterlijk in hun verdriet. Een van de meest doordringende scènes is wanneer de vader (Pierre Bokma) de dvd met daarop het fatale ongeluk van zijn zoon beeldje voor beeldje afspeelt maar uiteindelijk toch niet naar de klap kan kijken en het schijfje vernietigd.
07. The Graduate (1967)
Regie: Mike Nichols
Met: Dustin Hoffman, Anne Bancroft, Katharine Ross e.a.
Ik had geen idee dat de Mrs. Robinson uit het nummer van Simon and Garfunkel een filmpersonage was. The Graduate gaat over Ben Braddock (Dustin Hoffman) die op zijn afstudeerfeest een vriendin van zijn ouders ontmoet – Mrs. Robinson (Anne Bancroft). Er is meteen een chemie tussen hem en haar. Als hij de veel oudere en getrouwde Mrs. Robinson later die avond naar huis brengt, verleidt ze hem. Ze beginnen een verhouding. De affaire eindigt, zoals alle affaires uiteindelijk eindigen. Maar als Ben verliefd wordt op Elaine, de dochter van Mrs. Robinson en haar man, ontstaat er een ongemakkelijke situatie. De spanning tussen de bleue Ben en de verleidelijke Mrs. Robinson is door de hele film voelbaar – ook als ze niet samen in een scène zitten.
06. Behind the Candelabra (2013)
Regie: Steven Soderbergh
Met: Michael Douglas, Matt Damon, Scott Bakula e.a.
Een van de grootste verrassingen van dit jaar. Deze televisiefilm met Michael Douglas in de rol van de excentrieke entertainer Liberace (Gerard Joling in het kwadraat) en Matt Damon als zijn jonge minnaar werd in eerste instantie door de grote studiobazen geweigerd omdat hij ‘too gay’ zou zijn. HBO durfde het wel aan en met succes: de film werd genomineerd voor een Gouden Palm in Cannes en is een van de beste biopics van de afgelopen jaren. Met name het tijdsbeeld dat geschetst wordt, bijvoorbeeld de manier waarop er in de jaren tachtig in de Verenigde Staten tegen homoseksualiteit aangekeken werd (Liberace heeft tot aan zijn dood ontkent op mannen te vallen) is treffend. Een van de betere biopics die ik in tijden zag.
05. Grave of the Fireflies (1988)
Regie: Isao Takahata
Met: Tsutomu Tatsumi, Ayano Shiraishi, Akemi Yamaguchi e.a.
Animefilm uit 1988, geregisseerd door Isao Takahata. Het is de enige animefilm die in de IMDB-lijst ‘Top 50 films aller tijden’ wordt vermeld. De eminente filmcriticus Roger Ebert noemde deze film eens ‘een van de beste oorlogsfilms ooit gemaakt’. Hotaru no Haka (‘Graf van de vuurvliegjes’) vertelt het verhaal van twee kinderen – een broer en een zus – die in Japan opgroeien tijdens de Tweede Wereldoorlog. Door een bombardement raken ze verweesd van hun ouders, waarna ze samen de oorlog proberen te overleven. Ik ben geen sentimentele man, maar bij het zien van deze film heb ik toch wel wat tranen weg moeten slikken. Met name de laatste scène van de film gaat door merg en been. Ik ben geneigd om toe te geven dat dit inderdaad een van de beste oorlogsfilms is die ik ooit heb gezien.
04. The Square (2017)
Regie: Ruben Östlund
Met: Claes Bang, Elisabeth Moss, Dominic West e.a.
Geweldige satire op de volgens regisseur Ruben Östlund ‘zelfbevredigende manier’ waarop kunstkenners met kunst om gaan. De film toon het leven van museumdirecteur Christian (Claes Bang) die door een aantal vreemde situaties wordt geconfronteerd met de wereld waarin hij leeft. Het gaat over de dunne scheidslijn tussen instinct en beschaving, maar ook over de vraag: ‘Hoe ver mag kunt eigenlijk gaan?’ Een van de meest ongemakkelijke scènes is die waarin motion capture-acteur Terry Notary – die onder meer gestalte gaf aan de primaten in Kong: Skull Island en War for the Planet of the Apes – zich gedraagt als een agressieve gorilla en al krijsend en schreeuwend door een chique eetzaal banjert. Met de minuut wordt de scène pijnlijker. In eerste instantie vinden de genodigden het een amusante performance, maar als de acteur na herhaaldelijk verzoek niet op wil houden, steeds gewelddadiger wordt en uiteindelijk een vrouw aan haar haren van een stoel trekt en probeert te verkrachten, grijpt men pas in. Het publiek in de bioscoopzaal begon zenuwachtig te wiebelen bij deze schier eindeloze scène. Sommigen wendden hun gezicht na verloop van tijd af. Net als in zijn vorige film Turist maakt de regisseur ook in deze film weer gebruik van de lange statische shots die voor ongemakkelijke momenten in de bioscoopstoelen weten te zorgen. Hij lijkt goed gekeken te hebben naar de Japanse cineast en ‘meester van het statische shot’ Yasujiro Ozu. Zet een camera neer en kijk maar wat er gebeurt – zo lijkt het devies.
03. Still Alice (2014) Regie: Richard Glatzer en Wash Westmoreland Met: Julianne Moore, Alec Baldwin, Kristen Stewart e.a.
Julianne Moore speelt een hoogleraar die op jonge leeftijd gediagnosticeerd wordt met Alzheimer. Van een vrouw die middenin het leven staat en overal en nergens lezingen geeft, verandert ze in een vrouw die niets meer kan. Ik kwam deze film op het spoor na een interview met Neelie Kroes. Ze memoreerde: “Een beeld uit de film zal ik nooit vergeten: ze staat voor de commode waarin de pillen liggen waarmee ze een eind aan haar leven kan maken. En net als ze op het punt staat om die pillen in te nemen, belt er iemand aan en vallen de pillen op de grond. Ze gaat naar beneden om te kijken wie er aan de deur staat, maar raakt de draad dan kwijt en weet niet meer dat ze die pillen in wilde nemen. Ook dat is weer voer voor discussie: je kunt zeggen ik neem het heft in eigen hand, ik wil mijn familie daar niet mee opzadelen, maar wanneer doe je het dan? Pas als het zo erg is dat je niet meer weet waar de pillen liggen? Dan is het al te laat.”
02. Sling Blade (1996)
Regie: Billy Bob Thornton
Met: Billy Bob Thornton, Dwight Yoakam, J.T. Walsh e.a.
Billy Bob Thornton kende ik als de charmante seriemoordenaar Lorne Malvo in het eerste seizoen van Fargo. In Sling Blade – waarin hij niet alleen de hoofdrol speelt maar waarmee hij ook zijn regiedebuut maakt – speelt hij de zwakbegaafde moordenaar Karl. Na een kwart eeuw opgesloten gezeten te hebben in een psychiatrisch ziekenhuis, omdat hij als kind zijn moeder en haar minnaar met een zaagblad heeft vermoord, komt hij vrij en keert hij terug naar zijn geboortedorp. Hij raakt bevriend met de twaalfjarige Frank en krijgt een baantje in een reparatieshop. Thornton is onherkenbaar in deze rol. Met een vooruitgeschoven kaak, een kenmerkend loopje (hij had glasscherven in zijn schoenen zodat hij raar ging lopen) en nadrukkelijk knipperen van zijn ogen zet hij een geheel eigen karakter neer. De gesprekken met de jongen zijn ontroerend. Wat mij het meest is bijgebleven van de film is dat er niet zoiets bestaat als ‘goed’ en ‘kwaad’. Om een voorbeeld te geven: een kind vermoorden is het ergste wat een mens kan doen. Maar wat als je kon tijdreizen en de mogelijkheid had om de jonge Adolf Hitler – een lief jongetje dat vrolijk aan het ravotten is op straat – voor eeuwig het zwijgen op te leggen? Ik weet niet of ik dat zou kunnen.
01. Poesía Sin Fin (2016)
Regie: Alejandro Jodorowsky
Met: Adam Jodorowsky, Brontis Jodorowsky, Leandro Taub e.a.
Poesía Sin Fin is het tweede deel in de serie autobiografische films die de inmiddels 88-jarige kunstenaar en filmmaker Alejandro Jodorowksy over zijn leven maakt. In dit deel volgen we de jonge dichter Alejandro, die in het Santiago van de jaren veertig van de vorige eeuw op zoek gaat naar de schoonheid van het bestaan en kennismaakt met geestverwanten die naar hetzelfde op zoek zijn. De film is magisch en surrealistisch en zit vol prachtige visuele vondsten. Ik weet nog dat ik op een gegeven moment dacht: dit kun je dus ook met film doen. Toen de film afgelopen was, heb ik hem meteen nog een keer gekeken. Ik hoop dat Jodorowsky nog lang genoeg leeft om ook de andere drie delen te voltooien.
10. ‘Jandino vind ik echt verschrikkelijk’ Sander van de Pavert (LuckyTV) heeft niet veel op met het Nederlandse cabaret. Over Paul van Vliet zegt hij: “Ik neem weleens kennis van een stukje uit een van zijn conferences op televisie. Het niveau, de inhoud, de grappen die gemaakt worden, is ver beneden alle peil. Zijn grappen waren in de jaren vijftig al belegen.”
9. ‘De scheiding der geesten is duidelijk zichtbaar in Nederland’ Ivo Niehe debuteerde dit jaar als toneelschrijver. In dit interview uit hij zijn frustratie over de manier waarop er naar zijn manier van werken gekeken wordt.
“Hoge cultuur toegankelijk maken voor een breed publiek wordt door ‘de elite’ als minderwaardig gezien.”
8. ‘Er is een overloed aan schrijvers en kunstenaars’
De schrijver van de ‘onverbiddelijke bestseller’ kwam dit jaar met een nieuw boek: Sirenen. Reden voor mij om met Jan Cremer het culturele klimaat in ons land onder de loep te nemen.
7. ‘Ik werk honderd uur per week’ Met scores voor Mad Max: Fury Road en Deadpool is Tom Holkenborg, beter bekend als JunkieXL, een van de meest succesvolle filmcomponisten ter wereld. Voor Playboy nam ik een kijkje in zijn leven.
6. ‘Van mij had Niña Weijers de Libris Literatuurprijs mogen winnen’ Wim Pijbes, oud-directeur van het Rijksmuseum, doet uit de doeken wat zijn culturele smaak is. “Wat mijn lievelingswerk is? Dat verschilt per dag. Misschien Huwelijksportret van Isaac Massa en Beatrix van der Laan van Frans Hals, waarop twee jonge mensen zich ter gelegenheid van hun huwelijk laten portretteren.”
5. ‘We moeten af van het woord cultuursubsidie’ De wereldberoemde regisseur Ivo van Hove gispt ’s lands toneelklimaat: “Pas als je een acteur een Wilders-pruik opzet, wordt het herkend als politiek theater.”
2. ‘Het liefst wil ik helemaal niets meer’
Dit voorjaar sprak ik met Mies Bouwman over haar werk en leven. Aan haar keukentafel vertelde ze dat dit misschien wel haar laatste interview zou zijn.
1. ‘Alcohol is het vocht van de democratie’
Een vrijmoedig gesprek met een van de beste schrijvers die wij op dit moment hebben: Dimitri Verhulst. Over het jammerlijke verdwijnen van de kroegcultuur, het onbegrijpelijke succes van Karl Ove Knausgård, geloofsfanatici en het vaderschap. ‘Ik ben een uitermate slechte en afwezige vader.’